|
HET IS NIEUW IN 2006, MAAR
IS HET GOED?
door Christoph
We zien het elk jaar opnieuw: kakelverse namen
die hun eerste plaat uitbroeden en dingen naar de hand van de
progliefhebber. Op basis van de kwantiteit zou je inderdaad zeggen
dat de progressieve muziek erg ‘alive and kicking’ is. Zelfs voor
een recensent wordt het steeds moeilijker om doorheen de bomen het
bos te zien. Maar hoe groter het aanbod, hoe gemakkelijker de
kwaliteit komt bovendrijven, is het gezegde. Maar is dat wel zo? We
namen de proef op de som en kozen vijf nieuwe namen uit vijf diverse
progressieve subgenres. We stellen ze even aan u voor.
Het
succes van Porcupine Tree is in thuisland Groot-Brittannië
niet onopgemerkt voorbijgegaan. Day Shift is een
space-rockformatie die op “Imaginary Menagerie” (Independent) meteen
een volwassen geluid laat horen. De ongewone klanken van de
keyboards en de theremin, en niet te vergeten de waanzinnig
klinkende titels (wat vind je van ‘The Clothes Horse’?) sturen dit
vijfmansruimteschip in psychedelische territoria ‘where no man has
gone before’. Net als grote voorbeeld Porcupine Tree is dit erg
gitaargeoriënteerde progrock. De zang klinkt zelfs tussen Steven
Wilson en RPWL’s Yogi Lang. De gitaar krijgt alle ruimte om
de melodielijnen breed uit te spinnen. Bas en drums zorgen voor
flink wat ritmische drive. De keyboards hebben meestal een
ondersteunende functie, maar effectief zijn ze wel. Richard Barbieri
is nooit veraf. Het hoogtepunt is het afsluitende ‘The Unwashed
Platypus’ dat klokt op ruim veertien minuten. Verdeeld in drie
secties, is dit het progressiefste nummer van de plaat en
ongetwijfeld de song waar wij progheads halsreikend naar uitkijken.
De CD mag met zijn 42 minuten wat kort uitgevallen zijn, Day
Shift zorgt voor straf gespeelde artrock die de fans van PT en
RPWL zeker zullen appreciëren. (www.dayshift.co.uk)
Het
duo Hÿdra is een shoot-off van de gelijknamige Franse
progressieve metalgroep. Op “This Famous Unknown” (Musea Records)
gooien zanger Sébastien Dénarié en gitarist Pascal Lemoine het over
een heel andere boeg: een akoestische conceptplaat over de onbekende
soldaat uit de Eerste Wereldoorlog. De verhalende stem van Dénarié
drijft op fraaie gitaarklanken en ondersteunende synths. De
arpeggio’s van Lemoine herinneren aan David Gilmour, Anthony
Phillips en Steve Rothery. Toch is dit album niet echt
progressief te noemen. Vele songs kun je beter omschrijven als
betere pop en singer-songwriter. De verrassing is er dan ook vlug
af, en na een veelbelovende start blijft “This Famous Unknown”
steken in de middelmaat. Een sfeervolle plaat, die toch nergens echt
piekt.
Ook
Frans maar heel wat eigenzinniger is Chardeau. Deze componist
staat
open voor erg veel en verschillende invloeden, en dat zullen we
geweten hebben. Zijn muziek lijkt in eerste instantie een ongeleid
projectiel, maar is bij nader toezien te omschrijven als een fusion
van rock, jazz, klassiek, new age, wereldmuziek en elektro. “Hors
Portée” (L Records/Musea) komt in twee gedaanten: een CD “Highlight”
met vocale inbreng en één met een instrumentale selectie. Verwacht
niet steeds een coherent geheel. Al moet ik zeggen dat er knap
gemusiceerd wordt door een hele rij Franse gasten en vooral de
Amerikaanse violist Jerry Goodman (Mahavishnu Orchestra).
Maar ik kan me niet van de indruk ontdoen dat dit het soort muziek
is dat je snel onberoerd laat en dat al te gemakkelijk voortkabbelt
in de achtergrond van een goed gesprek. Om maar te zwijgen van de
passages elektronische muziek die ronduit ergerlijk zijn.
(www.chardeau.com)
Uit
Israël verwacht je niet meteen een progressieve rockband, dus als er
één komt, dan mag het wel wat speciaals zijn. “Kundabuffer”
(Thousand Records) van Sympozion heeft het inderdaad in zich
om potten te breken, met zijn contrapuntische en complexe melodieën.
Dit is gedreven, technisch perfecte jazzrock die ook flirt met oude
proggroten Yes en Gentle Giant. Héél
interessant. (www.sympozion.com)
Ten slotte Zenit, de nieuwe band van ex-Clepsydra-bassist
Andy Thommen. Akkoo rd,
deze Zwitsers zijn niet echt nieuw, maar het debuut “Pavritti” uit
2001 is hier nooit onder de aandacht gekomen. Met opvolger
“Surrender” (SHK Records) moet dat wel lukken, want dit is mooi
uitgebalanceerde, lekker in het oor liggende neoprog. Niet altijd
vrij van de typische clichés, maar ook weer verrassend genoeg om te
blijven boeien. De zanger doet afwisselend aan Derek Shulman (Gentle
Giant) en Fish denken. (www.fragile.net)
Wat heeft bovenstaande steekproef ons nu te
vertellen? Dat prog een soort superkameleon is: het genre verschijnt
in de meest uiteenlopende kleuren en verschijningsvormen. Maar dat
wist u eigenlijk al. Dat in de discussie over de kwaliteit ook
smaakverschillen hoe dan ook een rol spelen. En ten slotte, dat
sinds de revival van het genre medio jaren ’90, prog nog helemaal
niet aan zijn zwanenzang toe is. Deze taaie dinosaurus gaat nog een
ééééuwigheid mee.
Ratings:
- Imaginary
Menagerie (Day Shift) 8/10
- This Famous
Unknown (Hÿdra) 6,5/10
- Hors Portée
Highlight (Chardeau) 6/10
- Hors Portée
Instrumental (Chardeau) 6/10
- Kundabuffer
(Sympozion) 8,5/10
- Surrender (Zenit)
7,5/10
|