YES: Drama

YES: Drama

Tracklijst: Machine messiah (10:27) - White car (01:21) - Does it really happen ? (06:34) - Into the lens (08:31) - Run through the light (04:39) - Tempus fugit (05:14)
 

1980

1980 is een cruciaal jaar in de geschiedenis van de progressieve (lees : symfonische) rock. Het is tegelijkertijd het einde én het begin van een tijdperk en vormt een keerpunt in de evolutie van de progrock, reeds ingezet eind jaren zeventig. Punk en New Wave hebben het establishment grondig door elkaar geschud en het muzikaal landschap drastisch hertekend. Jumbo-groepen als Yes, Genesis en Pink Floyd worden voortdurend op de korrel genomen als belangrijkste exponent van het establishment en worden door het merendeel van de pers als kwalijke etterbuilen uitgeknepen.

In deze weinig benijdenswaardige context situeren zich de laatste symfonische stuiptrekkingen van 2 absolute grootheden : Yes (Drama) en Genesis (Duke).

Bij Yes werden Anderson en Wakeman (tijdelijk) vervangen door ‘Buggles’ Trevor Horn en Geoff Downes en Genesis had zich, na het vertrek van Hackett, behoorlijk gerevancheerd met ‘And then there were three’(1979).

Drama is al bij al een krachtig symfonisch album, hoewel het bij de harde Yes-kern op weinig bijval kon rekenen (allicht door de afwezigheid van Anderson). Hoewel de alweer in een prachtige Roger Dean-hoes gehulde plaat vooral kortere nummers herbergt, klinkt het geheel (met als hoogtepunt ‘Machine Messiah’) erg stevig en maken de overgebleven Yes-leden een bijzonder gedreven indruk. De inbreng van Horn en Downes is vooral te horen in het iets toegankelijkere ‘Into the lens’, waaruit later het Buggles-hitje ‘I am a camera’ gedistilleerd werd. De song zelf opent met de (profetische ?) woorden : Memories, how they fade so fast…de volgende Yes zou pas 3 jaren later het levenslicht zien en hoewel van uitstekende kwaliteit, leek het toch enigszins op een commerciëel compromis.

Hoewel zowel Drama als Duke niet bepaald hoogtepunten zijn van hun rijkgevulde oeuvre, zouden zowel Yes als Genesis nadien nog zelden het oude niveau halen. Begin jaren tachtig konden ze nog enigszins teren op hun glorieus verleden maar toch zouden nieuwe bands als Marillion, IQ e.a. de fakkel overnemen en comlexe, avontuurlijke structuren, eigen aan de jaren zeventig, comprimeren tot meer toegankelijke en gemakkelijk in het gehoor liggende songs. Hier lagen de kiemen van wat later neo-prog genoemd zou worden.

Pas in de tweede helft van de jaren negentig wordt symfonische rock in ere hersteld : groepen als Spock’s Beard en The Flower Kings doen de jaren zeventig in volle glorie herleven, hoewel wereldwijde erkenning en (commerciëel) succes (nog) niet aan de orde zijn. Het is al bij al verheugend vast te stellen dat het erfgoed van Yes en Genesis niet gedoemd is te verdwijnen en te verworden tot een stoffige passage in één of ander lijvig rockoverzicht.

Hopelijk is dit het begin van een nieuw tijdperk……

zie ook Genesis: Duke

Bespreking : Piet Michem
 

Website in order to promote progressive rock to a broader audience in Flanders but also in the entire world. No part from this website may be used in any other publication whether in print or on the world wide web without the editor's consent - all material is exclusive to Prog-Nose and copyright protected.

Last updated: 14 september 2003 .
All rights reserved. Copyright © Prog-Nose 30/05/2001.