|

|
Tracklijst: In the
dead of night (05:38) - By the light of day (04:32) - Presto vivace
and reprise (02:58) - Thirty years (08:09) - Alaska (04:45) - Time to
kill (04:55) - Nevermore (08:59) - Mental medication (07:31)
|
Dit titelloze debuut van U.K. geldt nog steeds als een absolute topper in het
progressieve genre en vormt het perfecte huwelijk tussen symfonische en
jazzrock.
John Wetton (zang & bass), Eddie Jobson (viool & toetsen), Bill
Bruford (drums) en Allan Holdsworth (gitaar) hadden bij diverse bands als Yes,
King Crimson, Roxy Music en Soft Machine al ruimschoots hun sporen verdiend en
er werd dan ook reikhalzend uitgekeken naar de eersteling van deze ‘supergroep’.
Wat deze plaat zo uniek maakt, is de rijke mengeling van symfonische en
jazzelementen die naadloos in elkaar vloeien en erg gevariëerde klank- en
ritme-patronen laat horen. Waar Bruford en Holdsworth vooral de jazzy lijnen
uittekenden (in 77 had Bruford nog hoge ogen gegooid met Feels good to me, mét
Holdsworth), zorgden Wetton en Jobson voor het meer symfonische gehalte van U.K.
De plaat zelf opent met In the dead of night, By the light of day en Presto
Vivace and reprise, goed voor een goeie 13 minuten puur luistergenot :
avontuurlijke, complexe en zeer dynamische muziek met een absolute hoofdrol voor…alle
muzikanten. In the dead of night geldt ook vandaag nog als een absolute
klassieker en heeft nog niets aan kracht ingeboet.
Thirty years , Nevermore en Mental medication zijn de langste nummers op U.K.
(rond de 8 minuten) en bevatten hetzelfde krachtige en rijke mengsel van symfo
en jazz. Alle muzikanten etaleren graag hun technische superioriteit, maar
nergens gaat dit ten koste van de kwalitatief hoogstaande muziek : alle stijlen
worden perfect geïntegreerd in een uniek klankspectrum, dat zo typerend is voor
U.K..
Alaska (was eigenlijk de eerste groepsnaam voor U.K.) en Time to kill zijn
wel duidelijk op maat van Jobson gesneden : in het eerste nummer door zijn
ijzingwekkend toetsenspel (je waant je echt op Alaska) en in Time…door zijn
gedreven vioolspel.
U.K. wekte veel opzien in 1978, hoewel er toendertijd ook heel wat scepsis
bestond tegenover zogenaamde supergroepen : het waren de hoogdagen van punk en
new wave en progressieve rock was toen niet bepaald ‘bon ton’.
Ook intern was U.K. verdeeld : Bruford en Holdsworth zouden korte tijd nadien
de groep verlaten. Holdsworth bleek onvervangbaar, en Bruford werd vervangen
door de van Zappa bekende drummer Terry Bozzio. In die bezetting zouden nog 2
platen gemaakt worden : het erg symfonische Danger Money (met heel wat
verwijzingen naar ELP en King Crimson) en het live-album Night after Night.
Hoewel U.K. maar een kort leven beschoren was, hebben ze met hun wervelende
symfonische jazzrock een onmiskenbaar diepe indruk gemaakt en zijn ze een
inspiratiebron gebleven voor latere progbands. Zelfs 23 jaren later klinkt hun
muziek nog even fris en avontuurlijk en kent ze qua dynamiek en ritmiek haar
gelijke niet. Een absolute mijlpaal !
Bespreking : Piet Michem
|