|

Release : 2000
Label
: Inside Out / Suburban
Catalogus
nummer : IOMCD057
Totale
speelduur : 77’12”
|
Tracklijst:
All of the above (30:59)-We all need some light
(5:45)-Mystery train (6:52)-My new world (16:16)-In held ‘Twas in I
(17:21)
Muzikanten:
Roine
Stolt : gitaar, zang
Mike
Portnoy : drums
Pete
Trewavas : bas
Neal
Morse : zang, toetsen
|
Wel, de cirkel is rond, niet ? Maar liefst 32 jaren liggen er tussen Procol
Harum’s ‘Shine on brightly’ en deze van ‘Transatlantic’. Die gapende
tijdskloof wordt volledig gedicht door het eerbetoon van ’s werelds huidige
progband nr 1 aan één van de pioniers van de progressieve rock door het
coveren van het epische ‘In held ‘Twas in I’.
Tevens omspant ‘SMPTe’ de gehele geschiedenis van de progrock, omdat alle
zo kenmerkende aspecten van ons geliefd genre op sublieme wijze in muzikale taal
omgezet worden. Bovendien wordt op passende wijze eer betuigd aan alle groten
uit de proggeschiedenis : The Beatles, Procol Harum, Genesis, Yes, Jethro Tull,
ELP, King Crimson en Marillion. Dit was trouwens ook de opzet van dit
megaproject, het geesteskind van Dream Theater-drummer Mike Portnoy. En het zijn
niet bepaald de minsten die hieraan hun medewerking verleend hebben : Neal Morse
(van Spock’s Beard), Roine Stolt (van The Flower Kings) en de onvolprezen Pete
Trewavas (van Marillion).
Dergelijke projecten vormen niet steeds de sleutel tot artistiek succes :
vaak zijn de ego’s van supersterren té groot om onder 1 dak te leven. Maar de
hier beproefde formule doet het wél, en hoe ! Ondanks de geografische handicap
(waardoor het samen repeteren niet zo evident was), is het resultaat van deze
samenwerking een absolute voltreffer. Hoewel Morse het merendeel van de songs
voor z’n rekening neemt, wordt dit album toch enigszins ten onrechte als een
veredeld SB-werkstuk beschouwd. Alle protagonisten hebben immers mee hun stempel
gedrukt op het geheel. En dat wordt meteen duidelijk op het meer dan 30 minuten
durende ‘All of the above’, een dijk van een epic die uit 6 delen bestaat en
die de vergelijking met klassiekers als ‘Close to the edge’ moeiteloos kan
doorstaan. Een lust voor het oor, van de eerste tot de allerlaatste noot. Hier
valt zoveel te beleven en het viertal speelt met zoveel bravoure dat je
nauwelijks de indruk krijgt dat het nummer zo lang duurt. ‘We all need some
light’ is een prachtig akoestisch nummer, dat tot het allerbeste behoort wat
Morse ooit geschreven heeft. ‘Mystery train’ is een kolfje naar de hand van
Portnoy, die hier bewijst misschien wel de beste drummer ter wereld te zijn.
Stolt’s songmatige bijdrage luistert naar de titel ‘My new world’ en vormt
een ander absoluut hoogtepunt op ‘SMPTe’ : schitterende song, die in de
Stolt-mix (cd 2 van de limited edition) nog beter tot z’n recht komt, maar het
dus net niet haalde voor de finale versie. En als toetje krijgen we dan het
klassieke ‘In held ‘Twas in I’ voorgeschoteld, dat zich hier op een
bijzonder respectvolle behandeling mag verheugen.
Dat ‘SMPTe’ geen eenmalige gebeurtenis is, zou ons allen moeten
verheugen. Het tweede studioproject is klaar en zou normaliter in oktober 2001
moeten verschijnen. Het watertanden is nu al begonnen…
Bespreking : Piet Michem
Terug
Ook
al is de idee ontsproten uit het brein van Dream Theater drumbeest Mike Portnoy
toch is het voornamelijk Spock’s Beard zanger Neal Morse die de hoofdstempel
drukt op het album ‘SMPTe’ van TRANSATLANTIC.
Daar waar een project als Liquid Tension Experiment het meer van het technische
kunnen moet hebben werd besloten om de melodie te laten primeren en het
symfonische ideeëngoed van de jaren zeventig dik in de verf te zetten.
Geruggensteund door Marillion bassist Pete Trewavas en Flower Kings gitarist
Roine Stolt krijg je dus het kruim van de hedendaagse progwereld op één enkele
plaat bijeen. Bij mijn weten is dat nooit voorheen gebeurd hoewel het natuurlijk
interessant zou zijn geweest om op één enkele plaat leden van Yes, Genesis,
Pink Floyd, Deep Purple en Jethro Tull naast of liever samen met elkaar te laten
musiceren. ‘SMPTe’ opent met het half uur durende ‘All of the above’ dat
in feite is opgebouwd uit zes diverse composities. Hierin laat Morse niet alleen
zijn typische stemgeluid horen doch hij is tevens verantwoordelijk voor
schitterende Hammond invullingen. Wat opvalt is het feit dat Portnoy zich eerder
gedeisd houdt, dus totaal niet de technische octopus uit DT probeert na te apen.
Neal Morse van zijn kant drukt de hevigste stempel op het product want niet
alleen zijn de meeste composities van zijn hand doch naast het lenen van zijn
unieke stem tekent Morse ook voor Hammond en piano. Roine Stolt komt dan weer in
authentieke Steve Howe stijl uit de hoek en laat ook de Mellotron weergalmen als
nooit tevoren. Het openingsnummer neemt niet minder dan een half uur van uw
kostbare tijd in beslag doch dat is met plezier ‘inleveren’ ! Het nummer
bevat dan ook massa’s invloeden en evolueert van Steve Howe naar blues om te
eindigen in authentieke Donovan om zo een eigen ‘Close to the edge’ neer te
zetten. Tijdens ‘We all need some light’ wordt de akoestische finesse van
Roine geïllustreerd hetgeen betekent dat Portnoy zich weeral eens moet
inhouden. Portnoy mag echter volop experimenteren tijdens het eerder ‘makke’
‘Mystery train’ dat toch wel het zwakke broertje van deze CD mag genoemd
worden. Pure klassieke klasse hoor je doorheen ‘My new world’ welke door
echte cello wordt ingezet. Als er één nummer dicht bij de Flower Kings
aanleunt dan zal het dit pareltje wel zijn. Ik heb steeds zijn stem dicht bij
die van John Wetton geplaatst en ook nu wordt dat nog eens extra onderlijnd.
Roine laat ons zowel pure rock als jazz horen hetgeen verfrissend werkt. De
plaat wordt afgesloten middels de Procol Harum cover ‘In held ’t was in
I’, een obscuur nummer dat blijkbaar bij én Portnoy én Stolt reeds jarenlang
in de bovenste la mag vertoeven. Het is angstaanjagend hoe dicht de Hammond in
de buurt komt van het origineel van Gary Brooker. Alleen tijdens dit nummer
knalt het vuurwerk uit de polsen van Portnoy doch het is een waardige afsluiter
van een zeer geslaagd initiatief dat duidelijk om meer vraagt. De Steely Dan van
de progsien !
John
'Bobo' Bollenberg
Terug
|