Gelieve je anorak aan de vestiaire af te geven
Door John 'Bo Bo' Bollenberg
Bij elke nieuwe Marillion plaat lijkt het erop alsof de kloof met de fans van
het eerste uur wijder en wijder wordt. De line-up met Hogarth bestaat inmiddels
reeds langer dan die met Fish zodat de groep een avondvullend programma in
elkaar kan knutselen zonder de bijna obligate ‘klassiekers’ boven te halen.
Marillion kreeg het voor elkaar om de financiering van de nieuwe plaat op het
conto van de fans te schrijven zodat ouwe getrouwe EMI slechts op het einde van
de rit in aanmerking kwam. Maar is "Anoraknophobia" nog wel een pure
Marillion plaat of moeten we het eerder zien als "Icecreamgenius"
volume twee ? Steve Rothery staart me met gefronste wenkbrauwen aan. ‘Wat een
pak nonsens ! Vooral wat de klank van de plaat betreft kan ik je zeggen dat ik
vanaf het prille begin hiermee begaan ben en Steve H heeft er geen enkel moment
aan gesleuteld. Ik heb eveneens een hoop muziek geschreven toen Steve niet eens
in de Racket Club aanwezig was. Als er één iemand is die z’n stempel op het
album heeft gedrukt dan is dat producer Dave Meegan. Dave heeft een ongelooflijk
geheugen en weet precies wat we wanneer en hoe hebben gedaan. Soms vraagt hij
ons om een bepaalde riff te spelen zoals we dat drie weken tevoren hadden
gespeeld. Hij heeft een ongelooflijk geheugen. Hoe alternatiever de dingen
klonken hoe enthousiaster Dave werd. Voor ons is het album inmiddels onze
twaalfde plaat en zoals steeds willen we onszelf niet herhalen vandaar dat we
Dave vaak aan het roer lieten staan. Het resultaat is, volgens ons, het
allerbeste album dat we ooit hebben gemaakt.’
Een twaalfde plaat gespreid over een lange loopbaan doch in welke mate is het
een logische stap in de geschiedenis van Marillion ? ‘Ik denk niet dat er
logica bestaat tussen onze albums’, lacht Rothery. ‘Vanaf het ogenblik dat
je een aantal dingen begint te schrijven en het vorm begint te krijgen begint
het een eigen leven te leiden. Het wordt uiteindelijk een organisch geheel die
pas volgroeid is als we er met z’n vijven aan hebben gewerkt.
"Anoraknophobia" is zonder twijfel het album dat ons allemaal het
meest gelukkig heeft gestemd van al onze albums. Sinds het album
"Brave" hebben we onze laatste vijf platen in onze eigen Racket Club
kunnen opnemen. Dat is een enorme luxe waarvoor we vaak door andere musici
worden benijd. Ook al hoeven we geen mega budget in de plaat te injecteren toch
kunnen we wereldklasse laten horen !’
Op het nieuwe album horen we af en toe een aardige dosis blues hetgeen
redelijk nieuw te noemen is. Vooral tijdens "The fruit of the wild
rose" valt dit nogal op. ‘Zoals steeds was ik wat aan het rotzooien met
wat akoestische gitaren. Dave vond het best aardig en we gebruikten het op het
einde. Zelf ben ik een enorm bewonderaar van BB King. Vooral diens "Live at
the Regal" live opname bezit een ongelooflijk lekkere klank. Ook
hedendaagse acts zoals Gomez vind ik best aardig net als Stevie Ray Vaughn.
Natuurljik ben ik ondersteboven van hun technische vernuft doch ik heb meer
bewondering voor het gevoel welke ze in hun muziek leggen. Dat is waarom ik
nooit iets heb gevoeld voor Eric Clapton doch daarentegen was Peter Green een
idool. De meeste gitaarpartijen die je op ons nieuwe album hoort komen
rechtstreeks van de backing tracks. Meestal begin ja naar het einde toe losjes
te improviseren terwijl je zowel vreemde klanken uitprobeert alsook lekkere
melodielijnen. Vaak komen die spontane dingen uiteindelijk toch op de plaat.
Mijn favoriet op het nieuwe album is zonder twijfel "This is the 21st
century" omdat het zeer hedendaags klinkt en toch al de klassieke Marillion
ingrediënten herbergt. Het klinkt echt anders dan wat we in het verleden hebben
gedaan.’
Progressieve rock genoot massale belangstelling gedurende de jaren zeventig.
Vooral de universiteiten waren de gangmakers voor wat ook wel eens ‘artrock’
werd genoemd. Een tijdje terug ondernam Marillion opnieuw een toernee van de
universiteiten. Wat was de grote inspiratie achter dit idee ? ‘In principe
probeerden we nieuwe fans te ronselen en vermits onze muziek nu eenmaal niet op
de radio wordt gedraaid dachten we dat het een goed idee zou zijn om een kleine
toernee te ondernemen in universiteiten. Het was een beetje frustrerend vermits
een aantal universiteiten niet precies begrepen wat we wilden doen tot op het
ogenblik dat we het hen uitlegden. Omwille van de lage toegangsprijs dachten
velen dat ze een Marillion covergroep zouden te zien krijgen. Ze kregen echter
de échte groep ! Tijdens vier van deze concerten konden we toch op een 300 à
400 aanwezigen rekenen. Uiteindelijk moet je het ganse gebeuren als één groot
experiment zien.’
Tijdens de opnames van "Anoraknophobia" neemt de groep pakweg alles
op op minidisc. Uiteindelijk werden dit keer tien nummers opgenomen doch niet
alles is op het nieuwe album terug te vinden. "Number one" vinden we
wel op de bonusdisc van de gelimiteerde fanclub uitgave doch een nummer als
"Power" lijkt in rook te zijn opgegaan. ‘Het nummer
"Power" hebben we uiteindelijk niet op het album geplaatst omdat het
arrangement niet paste bij de rest van het materiaal. Het kan misschien op een
volgend Marillion album komen of Steve kan de tekst wijzigen en het op een nieuw
solo album plaatsen, wie weet. Het komt niet vaak voor dat we achteraf nog met
een extra nummer over blijven. Als we ons niet 100% tot een idee aangetrokken
voelen dan wordt dat idee ook niet tot een volwaardig nummer uitgewerkt. De
nummers waar we echt voor gaan komen dus in principe steeds op de nieuwe plaat
terecht. Het is ook niet zo dat we bepaalde afgewerkte doch niet gebruikte
nummers op een bordje serveren voor andere artiesten. Wat "Power"
betreft is het een goed nummer doch het heeft nood aan nog meer muziek. We
moeten het arrangement herwerken en er ook een aantal extra secties voor
schrijven. "Number one" vonden we allemaal een mooi nummer doch
uiteindelijk leek het niet op het album te passen. Je kunt het echter in een
live uitvoering vinden op onze laatste fanclubplaat.’
Tijdens de opnames van "Anoraknophobia" nam Pete een tweede
Transatlantic plaat op, Ian nam z’n solo album op en H deed enkele solo
concerten. Ondertussen lijkt iedereen te wachten op het tweede Wishing Tree
album dat er maar niet lijkt te komen. ‘Ik heb momenteel ongeveer twee derde
van de nieuwe plaat klaar. Om eerlijk te zijn heb ik reeds twee en een half jaar
twee derde van de plaat klaar ! In ieder geval wil ik de plaat in de rekken
hebben tegen het einde van het nieuwe millennium (schatert het uit) ! Hanah
woont nu in Californië waardoor ik haar de laatste twee jaar alles samen
misschien vijf keer heb gezien. Het plan is om haar dringend naar Engeland over
te vliegen om later in het jaar aan de nummers te werken zodat ik tegen het
einde van dit jaar alles klaar kan hebben. De kans zit erin dat Steve Wilson
(Porcupine Tree) de producer wordt. Het nieuwe materiaal klinkt in ieder geval
meer hedendaags, een beetje zoals Portishead met een aantal nummers die dicht
aanleunen bij Kate Bush terwijl één van de nummers zelfs op Alanis Morisette
lijkt. Eén van de nummers is dan weer bluesy op een manier die niet zou
misstaan in het oeuvre van Cream. Momenteel hebben we aardig wat interesse
losgeweekt bij grote platenfirma’s. Sony heeft enorm veel interesse om nieuw
materiaal te horen doch de moeilijkheid als je deel uitmaakt van een groep als
Marillion is dat alles zoveel tijd opslorpt dat je naast alle prioriteiten
weinig tijd over houdt voor iets anders. De eerste oplage van het Wishing Tree
debuut "Carnival of souls" is inmiddels uitverkocht en vermits ik twee
prachtige video opnames had liggen dacht ik dat het een goed idee zou zijn om
het album opnieuw uit te brengen met deze videos als bonus via de Racket Club.
Het betekent eveneens dat het Dorian label niet langer bestaat daar ik té veel
kosten had ten opzichte van de inkomsten. Uiteindelijk ben en blijf ik in eerste
instantie een muzikant en geen zakenman. Om een platenfirma te runnen moet je
constant achter je eigen geld aan zitten. Mijn Italiaanse platenfirma ging over
kop dus heb ik van hen nog een hoop geld tegoed die ik nooit zal zien. Twee
Poolse firma’s waarmee ik zaken deed lijken van de planeet verdwenen. Om je
een idee te geven, het Mr. So & So album kostte me £ 8,000 om op te nemen.
Ook al heb ik er zelf heel veel tijd en energie in gestoken ik heb mezelf geen
cent betaald. Ook al verkocht de plaat redelijk goed toch heb ik dit avontuur
afgesloten met een verlies van £ 2,000 ! Ik bedoel : je moet goed gek zijn om
al die energie te steken in iets wat uiteindelijk verlieslatend is. Uiteindelijk
leek het erop dat ik een doodgewone administratieve bediende zou zijn die van
acht tot vijf achter een bureel zou zitten. Via internet en onze eigen site heb
ik nu wel de mogelijkheid om een mooi aantal CD’s aan de man te brengen zonder
me van al die heissa er rond veel aan te trekken.’
Op toernee met Marillion, materiaal schrijven voor Marillion, een tweede
Wishing Tree voorbereiden. Heeft Steve Rothery nog tijd om naar muziek te
luisteren naast Marillion ? ‘Soms kijk ik naar het programma met Jools Holland
omdat het zo’n brede waaier aan muziek aanbiedt. De groep JJ72 vind ik reuze.
Het is een Ierse band met een zangeres die tevens gitaar speelt. Ze heeft een
originele hoge stem. Het is moeilijk om ze met een andere band te vergelijken
doch hun muziek is zeer energiek en toch melodieus. Ik hou ook van Gomez, the
Unbelievable Truth, Neil Finn’s recente solo album. Er is ook een Engelse
folkzangeres Kate Rusby die ik bewonder. Wie nog ? Fiona Apple is één van m’n
favorieten. Ik probeer naar muziek te luisteren dat interessant is, iets wat met
de dag moeilijker en moeilijker te vinden is.’
Terwijl Rothery reeds m’n digipack versie van "Anoraknophobia"
met een knaller van een handtekening heeft versierd komt de rest van de groep
rond me staan om het geheel te complementeren. Kelly is al gauw weer uit het
zicht verdwenen omdat hij nog wat problemen heeft met z’n keyboards en Hogarth
had gezworen z’n stem te sparen wat ie dan ook meteen doet. Ian Mosley en Pete
Trewavas schuiven de stoelen echter dichterbij om wat ‘bij te praten’ zoals
in welke mate "Anorak" nu verschilt met hun andere werk. Mosley bijt
de spits af. ‘Er zijn een paar verschillen waarvan de belangrijkste zeker de
productie van Dave Meegan moet zijn. Vermits we elkaar zo goed kennen zorgt hij
er keer op keer weer in om ons op ons gemak te zetten wat dan weer op de plaat
hoorbaar is. Dave probeert het om ons zo lang mogelijk in de kamer samen te
houden want hij weet dat, eens iemand van de groep naar buiten wandelt de rest
automatisch volgt ! Voor mij was het grootste verschil dat ik niet langer
gebruik maak van clicktracks doch van heuse drumloops wat dan weer de totale
aanpak een ander gevoel geeft. Ik vond het alvast zeer leuk want het was precies
alsof ik met een andere drummer zat te jammen.’ Pete Trewavas vervolgt : ‘er
waren drum sequenties en bas sequenties, kleine arpeggio’s en het voelde nooit
aan dat we aan het werken waren want je kon en mocht om het even wat spelen.’
Ian : ‘we waren steeds met de ganse groep samen wanneer we aan het opnemen
waren. Het was niet zo dat één iemand iets opnam en daarna de andere de studio
binnen wandelde, neen, we waren allemaal op hetzelfde moment samen in dezelfde
studio. De basistracks werden echt als een groep opgenomen.’
Eens een album is afgewerkt heeft ieder lid van de groep wel ergens zijn
favoriete nummer. Pete : ‘voor mij is dat "If my heart were a ball, it
would roll uphill" omwille van vele diverse redenen. Het is waanzinnig om
zulk materiaal te spelen als een bassist. Voor mij is het een ietwat andere
aanpak en misschien ook iets moderner. In het verleden heb ik reeds fuzzbas
gebruikt doch tegenwoordig wordt er gebruik gemaakt van een agressiever
basgeluid dus dacht ik er goed aan te doen dat ook te benutten. In principe
zouden we dat soort nummers enorm lang kunnen rekken doch vermits de nummers
heet van de naald zijn houden we het bij het formaat welke de mensen kennen van
de plaat. Soms zijn de mensen ontgoocheld wanneer ze een nummer in een andere
uitvoering horen dan diegene welke ze al jaren kennen van de plaat. Misschien
dat we het in de toekomst aandurven om de nieuwere nummers op een meer
experimentele manier te benaderen.’
Met het uitbrengen van alweer een twaalfde album betekent het natuurlijk dat
Marillion over een aanzienlijk arsenaal eigen nummers beschikt. Hoe moeilijk is
het om een setlist op te stellen waarbij iedereen tevreden is inclusief diegenen
die voornamelijk voor het ‘oude’ werk gekomen zijn ? Pete : ‘voor deze
toernee hebben we geopteerd om enkel en alleen materiaal te spelen uit de
periode met Steve Hogarth. Het is een tijd geleden dat iemand uit de zaal nog
verzoekjes als "Grendel" of "Punch and Judy" naar ons hoofd
slingerde.’ Ian : ‘we hebben ze allemaal doodgeschoten !’ Pete : ‘de
enige plaats waar de mensen echt het ‘oude’ werk willen horen is Dublin doch
dat heeft te maken met het feit dat de groep er in vjiftien jaar niet meer had
opgetreden. Dus dat publiek had live nog nooit het materiaal gehoord wat anderen
over de ganse wereld reeds diverse keren hadden gehoord. Wat het nieuwe album
betreft vind ik dat "Anorak" een logisch gevolg is op
"dot.com". Van uit ons oogpunt bekeken was "dot.com" een
makkelijk album om te maken. De nummers waren een beetje korter en we wisten
allemaal hoe die nummers zouden klinken terwijl het nieuwe materiaal plotseling
helemaal fris en onverwachts ging klinken dankzij de invloed van Dave. Sommige
nummers waarvan ik dacht dat we geen materiaal genoeg hadden bleken achteraf m’n
favoriete nummers te zijn. Dave hoorde wat we wilden bereiken in de studio en
het was zijn taak om dat geluid ook op plaat vast te leggen wat geen
gemakkelijke klus is. Ik bedoel het is geen makkie om iets te nemen wat in de
studio zeer veelbelovend klinkt wanneer je het voor het eerst speelt en dat
allemaal te reproduceren, zowel het gevoel als de kracht als het geluid wanneer
je het uiteindelijk gaat opnemen.’ Ian : ‘Dave heeft dat onmenselijke
waardoor het bij hem mogelijk wordt om elk detail van wat we spelen perfect te
onthouden. Ook al komen we twee maanden later in de studio toch zal hij je
vragen een ‘oud’ stukje muziek precies te spelen zoals je dat twee maanden
tevoren hebt gedaan. Wij weten al lang niet meer wat hij bedoelt doch hij kent
elk detail. Wellicht heeft hij het ergens op minidisc staan en het is verdomd
moeilijk om te weten waarover hij het heeft vermits die ideetjes geen titels
hebben (kijk even op http://www.marillion.com/studio/anorak/comps.html
teneinde een idee te hebben)’
Met elke nieuwe plaat hebben de journalisten het meer en meer moeilijk
teneinde op een zo objectieve manier mogelijk uit te leggen hoe die nieuwe
schijf precies in mekaar steekt. Voor de meesten is Marillion meer en meer
verwijdert van de term ‘prog’ doch wat is nu ‘prog’ en indien ‘progressief’
betekent ‘vooruitstrevend’, ‘keer op keer nieuwe dingen uitproberen’,
dan denk ik dat Marillion wel de grootste ‘prog’ groep van het moment is !
Pete : ‘da’s enorm vleiend van je om het zo uit te drukken doch ik kan je
alleen maar gelijk geven. Progressief wil niet zeggen dat we een tweede ‘Season’s
end’ willen afleveren of een tweede ‘Misplaced childhood’. We willen,
zoals je zegt, vooruitstrevend zijn in alles wat we doen, het uitproberen van
nieuwe ideeën, nieuwe klanken, nieuwe manieren van samenwerken. Het is de enige
manier voor Marillion om te overleven. De media hebben ervoor gezorgd dat
iedereen zich een bepaald idee kan vormen waarvoor ‘prog’ precies staat. Als
het té ver van deze omschrijving verwijderd is dan kan het volgens hen niet
langer prog zijn. Neem nu Transatlantic, dat was zeer leuk om te doen doch we
hadden ons vanaf het begin voorgenomen dat we een groep zouden op poten zetten
waarin we onze favoriete stukjes Yes en Genesis zouden injecteren om
uiteindelijk een soort retro gevoel uit te broeden. Zoals je weet hebben we nu
het tweede Transatlantic studio album opgenomen in Nashville. Er was een immens
verschil tussen beide opnames. Toen we voor het eerst samen kwamen hadden we
elkaar nog nooit ontmoet waardoor de samenwerking eerder stroef verliep. De
enige manier om het project te doen slagen was om een nummer van Roine op te
nemen en een paar van Neal hetgeen we uiteindelijk hebben gedaan. Voor het
tweede album had ik eveneens wat materiaal bij elkaar geschreven, we kregen meer
studiotijd toegemeten zodat we elkaar’s stukjes beter konden uitwerken. Roine
en Neal stuurden naar iedereen CD-R’s met hun ideeën en nummers die ze graag
op de nieuwe plaat zouden hebben. Ondertussen schreef ik een aantal zaken
waarvan ik wist dat Neal ze perfect op het orgel zou kunnen spelen en ik had wat
stukjes die ik door Roine wou laten inspelen. Uiteindelijk werd er redelijk veel
van mijn ideeën gebruikt. We zingen ook allemaal mee op de plaat ! Neal heeft
een goeie stem doch als hij té veel op een Transatlantic album gaat zingen dan
lijkt het té veel op Spock’s Beard en dat is net waarom ik en Roine iets meer
zingen op deze plaat. Eerst zou de plaat in augustus verschijnen, dan werd het
weer september en nu zou het october worden dus wie weet verschijnt ie niet
volgend jaar ? Mijn inbreng is achter de rug dus kan ik me weer volledig op
Marillion concentreren. De plaat zal "Bridge across forever" gaan
heten genoemd naar de gelijknamige ballad geschreven door Neal en gebaseerd rond
stem en piano. Er zijn twee stukken van om en bij de 30 minuten en een ander
nummer duurt 25 minuten waardoor we constant de tape van de ene kant naar de
andere dienden te spoelen ! Het wordt een enkele CD doch er komt ook weer een
gelimiteerde uitgave met een bonusdisc waarop we ondermeer onze eigen versie van
de Floyd klassieker "Shine on your crazy diamond" brengen. In
tegenstelling tot Liquid Tension Experiment lijkt het er niet op dat dit tweede
album meteen het einde van Transatlantic zal betekenen. We zijn niet in ruzie
uit elkaar gegaan dus kunnen we nog een eindje doorgaan (lacht). We zullen
moeten afwachten hoe het verder gaat want iedereen heeft het ontzettend druk.’
Terug in de studio met Marillion komen nadat je aan solowerk hebt gesleuteld,
valt het soms voor dat er ideetjes uit die solo periode doorfilteren in de
muziek van Marillion ? Ik bedoel, Ian heeft zonet een jazzy album afgeleverd met
Ben Castle, "Postmankind" zodat, eens de opnames voor een nieuw
Marillion album zijn gestart, de kans erin zit dat die wat jazzy gekruid wordt ?
Ian : ‘Ik denk dat het voor ons allemaal interessant is om eventjes uit
Marillion te stappen. Daarna neem je de draad met Marillion weer op en denk je
‘pfew, wat voelt het goed om terug te zijn’ ! Het is niet omdat ik op mijn
plaat met een saxofonist heb gespeeld dat ik die ook bij Marillion op de plaat
hoef. In principe werkte het net andersom want Ben had gespeeld op de ‘Marillion.com’
CD. Het is toen ik hem op die plaat hoorde spelen dat ik dacht dat het geen
slecht idee zou zijn om samen met hem een album op te nemen. Ik denk dat m’n
volgende project zich zal centreren rond zes vrouwen met cello. Vanzelfsprekend
naakte vrouwen met van die doorzichtige cello’s ! Neen, om eerlijk te zijn
denk ik dat het meer gitaargericht zal zijn en harder.’ Pete : ‘ik zou voor
de verandering eens iets enorm succesvol willen doen ! Het Transatlantic
avontuur is voor mij een leuke ervaring omdat het me meer uitstraling geeft doch
het was nog leuker om terug naar de vertrouwde Marillion stal terug te keren
want dat is waar het voor mij allemaal om draait. We zijn zulke goeie vrienden
(meestal toch) en houden ervan om samen te musiceren. Het is alsof we steeds
terugkeren naar het Marillion moederschip !’
Is het als bassist een ambitie om ooit de nieuwe Jaco Pastorius te worden ?
Pete : ‘ik heb dat idee reeds jaren geleden definitief opgeborgen. Er zijn
zoveel technisch begaafde muzikanten doch de helft van hen vergeet waarover het
allemaal gaat omdat ze zo met hun techniek begaan zijn. Als je kijkt wie er
momenteel één van de toonaangevende bassisten is dan moet ik die gast van de
Dixie Dregs, Dave LaRue, aanduiden want hij beschikt over al de technische
kennis doch gebruikt het zéér ‘cool’. Het is een beetje als toen Eddie Van
Halen al die gekke dingen deed met z’n gitaar, boordevol humor doch steeds als
een muzikant in plaats van de techneut. Marillion is nooit sterk technisch
geweest, ik zal je maar niet vertellen waarom (lacht), doch geloof het of niet,
in tegenstelling tot wat vele mensen durven te beweren, is er veel humor
aanwezig binnenin de groep. Typisch Britse humor terwijl Portnoy dan weer
typisch ‘luid Amerikaans’ is en Roine het stille, kille, diepvries
Skandinavische type.’
Had je geen beetje ‘schrik’ toen Transatlantic je vroeg om hun bassist te
zijn ? Pete : ‘natuurlijk. Ik dacht bij mezelf waarom vragen ze uitgerekend
mij . Ze stuurden me Neal’s demo en Neal had er een briefje bij gestopt waarop
stond geschreven ‘sorry voor het zwakke basspel’ maar zijn manier van spelen
was schitterend ! De chemie van ons vieren in één en dezelfde kamer is echter
onbeschrijflijk. Dat is de pure magie van Transatlantic.’
Komt er ooit een vervolg op het Iris album wat jullie indertijd met
ex-Arrakeen gitarist Sylvain Gouvernaire uitbrachten ? Ian : ‘Ik hou ervan om
een bepaald iets uit te proberen en dan over te gaan op iets totaal
verschillends. Vanaf het prille begin heb ik steeds gezegd dat ik één
hoofdproject wou hebben waaraan ik me zou willen vasthechten. Dat is dus
Marillion geworden naast dewelke ik vele andere dingen op een losse basis kan
doen.’ Pete : ‘het is leuk om zo nu en dan éénmalige dingen te doen omdat
buitenstaanders op die manier geen vooroordelen hebben doch Marillion is en
blijft onze hoofdbezigheid. Zoals je eerder hebt gezegd we komen altijd terug
naar het moederschip !’
Interview voor het eerst gepubliceerd in editie 33 van het
tweemaandelijkse progblad iO Pages
|