Prog-Nose

Beekstraat 1 - B-2640 Mortsel - Belgium

DEEP PURPLE: Rapture Of The Deep


Cover

Release

Style

DEEP PURPLE: Rapture Of The Deep 2005-10-24 Classic hard rock
Label
Edel Records
Website
Deep Purple
Contact
 
Playing Time Cat. N°
55:50 0165762ERE
Review by Rating
Edwin 8,5/10
english Review

Ik ben al een eeuwigheid een grote Deep Purple-fan, dus het doet me veel plezier dat de groep nog steeds bestaat. Toch ben ik altijd wat voorzichtig wanneer ze nieuw materiaal uitbrengen. Sinds hun reünie in 1984, met het schitterende “Perfect Strangers”, is hun output op z’n zachtst gezegd nogal wisselvallig geweest. Voor mij bereikten ze een dieptepunt met het laatste Blackmore-album, “The Battle Rages On”. De komst van Steve Morse deed de band duidelijk heropleven en “Purpendicular” was een uitstekend album. “Abandon” en “Bananas” volgden en hoewel ik ze best leuk vond, waren ze nauwelijks gedenkwaardig, en ik beluister ze nog zelden. En natuurlijk kun je van een groep als Purple ook niet verwachten dat ze in dit stadium van hun carrière hun allerbeste plaat opnemen.

De opnames van “Rapture Of The Deep” namen slechts vijf weken in beslag, en het is eraan te merken. Neen, niet in het gebrek aan kwaliteit van nummers en uitvoeringen, maar “Rapture” klinkt opvallend fris en spontaan – wat het album een echte live-feel geeft.

OK, niet alle nummers zijn geweldig. “Girls Like That”, “Back To Back”, “Don’t let Go” en “Wrong Man” zijn niet bepaald wereldklasse, maar ze liggen goed in het gehoor en ze zijn tenminste beter dat veel van de opvullertjes op de voorgaande platen, én ze bevatten enkele geweldige solo’s en instrumentale stukjes.

Maar er zijn ook enkele buitengewone nummers. “Money Talks” is een mid-tempo rocker, met een imponerende intro van Don Airey en een knap refrein. De riff in het midden van het nummer doet denken aan “Perfect Strangers” en de gitaarsolo is geweldig.

“Rapture Of The Deep” is gewoonweg een verbluffend nummer, en doet weer wat denken aan “Perfect Strangers” of zelfs aan het vroege Rainbow-materiaal. De wisselwerking tussen de gitaar en de toetsen is groots. Dit zou best wel eens één van de allerbeste dingen kunnen blijken te zijn die ze ooit gedaan hebben.

De ballad van het album is “Clearly Quite Absurd” – een uitermate mooi nummer in de stijl van “When A Blind Man Cries” of “Sometimes I Feel Like Screaming”. Misschien een beetje té dicht bij dat laatste, maar toch een opzienbarende song, en Gillan klinkt hier bijzonder warm en emotioneel.

Als je van rechtoe-rechtaan rockers houdt, zal ”Kiss Tomorrow Goodbye” je zeker bevallen. Dit is er eentje dat ze absoluut live moeten spelen. En neen, ik vergeef het hen niet als ze dat niet zouden doen. “MTV”, het bonusnummer op de limited edition, valt vooral op door de opvallende tekst. Dit is Gillan op zijn hilarisch best. “Junkyard Blues” is ook erg sterk.

De tweede epic van het album is “Before Time Began”. Het begint weer als een ballad, maar groeit dan naar iets zoals ze nooit eerder gedaan hebben. Dit is progressieve hardrock die zowel heel classic als bijzonder fris klinkt. Alweer een uitmuntend nummer.

De uitvoeringen zijn geweldig. Het is alsof Ian Gillan – die ik de laatste tijd als de zwakste schakel van de groep beschouw - eindelijk heeft begrepen dat hij niet meer de stem van vroeger heeft. Hij gebruikt ze hier op een heel slimme manier, die zijn tekortkomingen verbergt en hem de autoriteit geeft die hij miste op de voorgaande albums. Alleen zijn schreeuwerige uithalen voldoen niet meer. Maar goed, de man is 60 jaar, en we moeten hem dan ook wat krediet geven.

Steve Morse heeft aangetoond dat hij een meer dan capabele vervanger is van de man in black. Hij heeft zijn stempel op Purple gezet door zijn herkenbare stijl in de muziek te brengen. Het is alsof hij zich nu niet meer moet bewijzen, en dat de tijd is gekomen om eer te bewijzen aan de originele Purple-gitarist – zijn gitaarspel is bij momenten duidelijk Blackmore-achtig. Op de Hammond volstaat het voor Don Airey om die typische Deep Purple-sound te herscheppen. Op de synthesizer komt zijn eigen stijl wat meer naar voren. De gitaar/toetsenduels zijn op volle kracht terug – dit klinkt als in de goede oude tijd.

Net als altijd legt Roger Glover een solide basis vast, en Ian Paice’s uitmuntende drumwerk lijkt wat prominenter dan op de voorgaande albums.

Dit is uiteraard een heel andere band dan die uit hun hoogdagen in de 70’s – waar nog steeds mijn grootste interesse naar uitgaat. Maar voor mij is dit het beste album dat ze gemaakt hebben sinds “Perfect Strangers” in 1984. En dat betekent toch ook al heel wat…
 

Musicians

Ian Gillan: Vocals
Steve Morse: Guitar
Don Airey: Keyboards
Ian Paice: Drums
Roger Glover: Bass
Tracklist

Money Talks
Girls Like That
Wrong Man
Rapture Of The Deep
Clearly Quite Absurd
Don’t Let Go
Back To Back
Kiss Tomorrow Goodbye
MTV (limited edition bonus track)
Junkyard Blues
Before Time Began

Discography
Shades of Deep Purple (1968)
The Book of Taliesyn (1968)
Deep Purple (1969)
Deep Purple in Rock (1970)
Fireball (1971)
Machine Head (1972)
Who Do We Think We Are (1973)
Burn (1974)
Stormbringer (1974)
Come Taste the Band (1975)
Perfect Strangers (1984)
The House of Blue Light (1987)
Slaves & Masters (1990)
The Battle Rages on (1993)
Purpendicular (1996)
Abandon (1998)
Bananas (2003)
Rapture Of The Deep (2005)

Website in order to promote progressive rock to a broader audience in Flanders but also in the entire world. No part from this website may be used in any other publication whether in print or on the world wide web without the editor's consent - all material is exclusive to Prog-Nose and copyright protected.


Last updated: 12 november 2005 .
All rights reserved. Copyright © Prog-Nose 30/05/2001.