|
Op een
week tijd de nieuwste van The Flower Kings en The Tangent in de bus
gekregen en het optreden van Karmakanic in de Spirit in Verviers
bijgewoond, nu nog een nieuwe cd van Kaipa en Tomas Bodin en het
feest kan niet meer stuk. Alle gekheid op een stokje, maar dan zou
je stilaan zeggen: “overdaad schaadt”, maar dat is niet het geval,
als het aanbod van een hoogstaand niveau is. En dat is hier zeker
het geval, en niet in het minst met de tweede spruit van The
Tangent, het samenwerkingsproject tussen de Zweden van The Flower
Kings , einzelganger Guy Manning en Andy Tillison (PO90). Dave
Jackson werd op dwarsfluit en saxofoon wel ingeruild voor Theo
Travis, die eerder bij Gong en Porcupine Tree zijn sporen heeft
verdiend.
Het vorig
album ‘The music that died alone’ werd door de progpers alom
geprezen, ook door onze eigen medewerkers. De lat moest dus weer
hoog gelegd worden, en die doelstelling heeft The Tangent zonder
problemen bereikt, het resultaat is weer een pareltje geworden en
kan je zo blindelings aankopen.
En zoals
ook op het vorige album werd ‘The World That We Drive Through’
weerom in Zweden en Groot-Brittannië opgenomen, die samenwerking op
lange afstand schijnt voor deze heren een heilzame invloed te
hebben. Schitterende composities, harmonieuze samenzang, prachtige
melodieën afgewisseld met zinderende solo’s, dit is progressieve
rock op zijn best, gegoten in 5 epische tracks.
En de toon
wordt onmiddellijk gezet van bij het eerste nummer ‘The winning
game’, een typische Canterbury-introductie, gevolgd door een
neo-prog passage en een jazzy inzet, in één minuut passeren al 3
verschillende progstijlen de revue. En dat lijkt tegelijk de opzet
van dit album, een ontdekkingstocht van de progressieve rock vanaf
de jaren 70 tot nu. Je zou dan ook honderden referenties kunnen
plakken op dit tweede album, en toch slaagt The Tangent erin om een
eigen sound te creëren, verbazend en indrukwekkend. De
Canterbury-touch komt uiteraard in grote mate van de bijdrages op
saxofoon en dwarsfluit van Theo Travis (ex-Gong), maar ook de vocale
prestaties hebben een seventies-feeling. In dit eerste meesterstukje
worden ook een aantal interessante solo’s op keyboards (synthesizer
à la Wakeman en Hammond in pure Brian Auger-stijl) en gitaar (‘Roine
Stolt goes Camel’ en nog zoveel meer). Verrassend zijn ook de
fragmenten uit ‘What the world needs now…’ van Burt Bacharach, niet
echt prog maar naadloos in de muziek geïntegreerd. Overigens komt
kortstondig ook ‘Soft Machine’ eens om de hoek kijken, maar dat ligt
volledig in de lijn van de verwachtingen.
Na een
stevige introductie in de traditie van Jethro Tull krijg je een
vreemde, onverwachte wending, maar later blijkt dit toch ook uit te
groeien tot een ware epic. Opvallend in de muziek van The Tangent is
ook het subtiele samenspel tussen de verschillende instrumenten, in
het geval van ‘Skipping The Distance’ zijn dit vooral gitaar, piano
en dwarsfluit. Luister hier vooral ook naar het ‘klassieke’
intermezzo en op het einde nog een fantastisch duel tussen saxofoon
en gitaar.
Photosynthesis vormt een rustpunt op het album, muziek om bij weg te
dromen, een beetje ‘ambient’ zowaar, maar ook hier schudden de heren
wat splijtende solo’s uit hun ‘talentvolle’ mouwen.
De
titelsong bevat ook weer zoveel verschillende invloeden, The Flower
Kings met een Canterbury-kransje. Inderdaad is dit eigenlijk het
enige nummer, dat Roine en de zijnen op een eigen album van TFK
hadden kunnen zetten. ‘The world that we drive though’ handelt over
het constant falen van de mens om de dingen rondom hem op te merken
en heeft trouwens een heel herkenbare tune. Verwacht dit nummer
echter niet onmiddellijk in de hitparade, daarvoor zijn de complexe
en veelvuldige tempowisselingen te nadrukkelijk aanwezig.
‘A Gap In
The Night’ (het langste nummer op het album) is eigenlijk een
herwerkte versie van The Corner Room op het allereerste Po90-album.
Nogal duister in het begin groeit deze track naar een
neo-progressief epos met weer tal van invloeden, je zou er zowaar
een kwis kunnen van maken. Gewoon over je heen laten glijden, deze
muziek is wondermooi.
Kortom,
het eerste album van The Tangent stond al bij velen in de
jaarlijstjes, de opvolger zal misschien nog beter scoren. Als je
ooit bij je vrienden wil uitpakken met je favoriete muziek, leg dan
gewoon dit schijfje in de lade : dit is de perfecte synthese van
progressieve rock. |