|
Overdonderd. Van de hand Gods
geslagen. Het zijn zonder enige overdrijving een paar van de
gevoelens die ik onderging tijdens de beluistering van de nieuwste
CD van Nick Magnus.
Hou je vast voor een (voor mij) nooit
geziene verzameling van superlatieven, want deze CD is in zijn
geheel het beste en het mooiste dat ik in de afgelopen 13 jaar
heb gehoord. De kwalitatieve muziek is van een uitzonderlijke
schoonheid. Ik refereer met die periode niet zonder reden naar “Dust
and Dreams” van Camel, ook al zo’n mijlpaal.
Voor de ingewijden is Nick Magnus
zeker geen onbekende : hij was gedurende 11 jaar de vaste toetsenist
van Steve Hackett en speelde eveneens bij The Enid en Renaissance om
er maar enkele te noemen. Een klasse-muzikant dus en wàt een manier
om de prog-wereld te verbazen !!!
Zoals gezegd Camel, maar ook Steve
Hackett & Band, Alan Parsons, John Barry, Clannad, David Arkenstone,
Dave Greenslade, the Enid, Tony Banks … de namen van deze
gerenommeerde grootheden vallen o.a. in deze bespreking niet
toevallig en zeker niet onterecht.
Zet je neer, sluit je ogen en ervaar
wat het betekent om aan je zetel genageld of van je sokkel geblazen
te worden. Het is teveel voor 1 mens.
Al van bij de eerste pianoklanken van
“Singularity” valt het aanvankelijk filmisch karakter op. De
intimiteit wordt aangevuld door loepzuivere synthklanken en een
licht elektronisch ritme. Wanneer John Hackett op dwarsfluit iets
later het orkestrale arrangement met het thema verrijkt sta ik
perplex. Het gitaarspel van Steve Hackett is sober en subliem en
brengt herinneringen aan “Voyage of the Acolyte” terug boven … (wat
een tijd). Een schitterende finale in pure symfo-prog-stijl doet je
naar adem happen. Heerlijk.
De new age van David Arkenstone, het
orkestrale uit ‘Dances with Wolves’ (John Barry), de sfeer uit ‘The
Celestine prophecy’ (Christopher Franke) en de prog-rock van Dave
Greenslade, je vindt al deze elementen én veel meer terug in
“Dancing on the waters” , perfect uitgebalanceerd en steeds opnieuw
verrassend. Het ritme neemt de bovenhand en wordt met heerlijke
rock overgoten om te eindigen met hemelse koorstemmen en symfonisch
naspel. Magisch.
Even hou ik mijn hart vast als ik de
eerste gezongen tekst van “Marduk” hoor : ik dacht dat Steve enkel
gitaar speelde (grapje). Het lijkt een ‘gewone’ popsong, maar
schijn bedriegt. Het nummer evolueert zeer sterk en heeft méér dan
een verrassende wending in petto. Het refrein om er één te noemen.
Let ook op het gitaarspel van Procol Harum’s Geoff Whitehorn in
samenspel met Nick’s keyboards. Halverwege is een knappe riff de
inleiding tot een verhaal in Genesis/Gabriel-stijl, maar daar is de
mooie, heserige stem van Anthony Patterson niet vreemd aan.
Dramatiek te over en meesterlijk toetsenspel van Nick.
Als je denkt even op adem te kunnen komen bij het
meer celtic-folk-ballad getinte “Sophia’s song” heb je het mis.
Hier komt Clannad om de hoek kijken en is verderop de sfeer van
Chess (Andersson/Ulvaeus) aanwezig. De magnifieke stem van
Siobhan McCarthy en het schitterend muzikaal
arrangement bezorgt je rilling na rilling. Topklasse en muziek die
recht naar je hart gaat. Zelf kan ik de kroppen in mijn keel al
niet meer tellen.
Alsof dat nog niet genoeg was word de
luisteraar getrakteerd op het veel te korte “Double Helix”, een
acoustisch samenspel van gitaar, dwarsfluit en violen in de sfeer
van “Kim” uit Steve’s Please don’t touch. Geniet en droom weg.
“Brother sun sister moon” doet me, na
de mellotron-intro dan weer even denken aan het vroegere werk van
Camel en Hackett. De stem van Pete Hicks, het pop-tempo en het
gitaarspel van Steve zit er voor iets tussen natuurlijk. Toch
overstijgt ook dit nummer met sprekend gemak het niveau van de
betere pop.
Een dreigende overgang leidt ons naar
“Seven Hands of time”. Dit is Steve Hackett ten voeten uit : de
snaren worden gestreeld waardoor de klank een slepend, melancholisch
karakter krijgt. De hemelse synthesizergeluiden maken het geheel zo
prachtig dat de krop in mijn keel almaar groter wordt. Hoe is het
mogelijk dat muziek ZO mooi kan zijn !!
Sacrale koorzang is de inleiding tot
“The power of reason”, in positieve zin de genadestoot. Golvend van
thema naar thema voel je het al aankomen. Als uiteindelijk de
dramatische herhaling van het beginthema over je heenspoelt is de
finale doodsteek niet ver weg. Het is zo overweldigend dat enkel
een mens van steen geen traan kan laten.
Conclusie : bij het nalezen van de
bespreking valt het sterk op dat ik heel euforisch ben, vooral omdat
ik niet zo vaak de loftrompet steek. Maar ik sta voor 100 % achter
mijn woorden en heb daarom slechts 1 advies : KOPEN KOPEN KOPEN
!!!!!!
(het zou niet eerlijk zijn om alle
betrokken muzikanten niet te bewieroken. Deze bespreking zou nog
eens dubbel zo lang zou geworden zijn. Maar toch een dikke pluim
voor de programmering (ook al door Nick) van de drums,want de die
benadert de perfectie.) |