|
Wat een toeval! Onlangs prees ik de live vibraties
van King’s X nog de hemel in toen ik de laatste Jelly Jam besprak.
En kijk: pal voor mij ligt een lonkende dubbelaar die de 15 jarige
geschiedenis van de Amerikaanse band in een tijdspanne van 120
minuten tracht te vangen. Op disc A laten Doug Pinnick (bas, zang),
Ty Tabor (gitaar, zang) en Jerry Gaskill (drums, zang) hun groovende
kant los. De band heeft inmiddels 10 albums uitgebracht en deze elf
tracks vormen maar het topje van de ijsberg. Maar we zijn hier niet
om te zeuren over wat ontbreekt, maar om een onderzoek te doen naar
het aanbod.
King’s X klinkt live veel minder gepolijst dan op de
studio albums, ook de zang van Doug is bruiner (en niet altijd even
zuiver). Het galmende gitaarspel van Tabor die heel zijn jeugd
Hendrix adoreerde verheft het peil heel de tijd naar een hoger plan.
Want de zang werkt soms nogal irriterend. Ty Tabor heeft zijn liefde
voor de geest van de jaren ’60 en ’70 nooit onder stoelen of banken
gestoken en deze sfeer hangt ook helemaal over deze registratie, met
alle voor- en nadelen erbij. We spreken hier van een warme, soms
rommelige en spontane atmosfeer waar er ruimte is om te soleren. De
nummers zijn niet altijd makkelijk te volgen en worden al eens
nodeloos uitgerekt. Het woord ‘jam’ is nooit veraf.
Het zal met King’s X altijd hetzelfde blijven: op
handen gedragen door de pers en een beperkte harde kern, maar geen
voer voor de massa. Het is een vreemd fenomeen maar een
onomstotelijk feit. Voor het eerst lees ik nu ook bij enkele collega
recensenten negatieve kritieken. Ik vermoed dat dit is omdat ‘Live
All Over The Place’ geen ‘moderne’ plaat is. Niemand zit
bijvoorbeeld nog te wachten op een heftige preek als deze in ‘Believe’.
Zelfs de zang lijkt op Hendrix (‘Little Bit Of Soul’) al zijn er ook
raakvlakken met Lenny Kravitz.
‘Over My Head’ is altijd een persoonlijke favoriet
geweest door zijn stevig rockende structuur en psychedelisch
middenstuk. Dit vormt een goede aanloop naar de vertolking van
Hendrix’ ‘Manic Depression’ met Pearl Jam bassist Jeff Ament als
gast. Soul en blues invloeden worden vermengd met de nodige
psychedelica.
Disc B bevat zeven akoestische tracks om te beginnen.
Dit vergt toch wat kneepjes in de arm om bij de les te blijven.
Ongetwijfeld boeiend als je er met je neus op staat, maar nu… rijst
trouwens de vraag waarom men er geen DVD van gemaakt heeft. Vanaf
het achtste nummer gaat de groep terug elektrisch en na wat minder
materiaal vormt ‘Cigarettes’ terug een hoogtepunt. Zij die houden
van jam sessions zullen naar het einde toe helemaal uit de bol gaan.
Tabor is een klasse apart als gitarist, hij schittert in elk nummer.
Juist door dit Woodstock sfeertje denk ik dat deze ‘Live All Over
The Place’ veel lezers van dit e-zine zal bevallen. |