 |
Jonas Reingold - electric and fretless
basses, keyboards
Göran Edman - vocals
Zoltan Csorsz - drums
Krister Jonzon - electric and acoustic guitar
|
Guests:
Richard Anderson - keyboards (1)
Roine Stolt - guitar (7, 8)
Tomas Bodin - Hammond organ (3, 5)
Hans Bruniusson - percussion (1)
Helen Melin - percussion (2, 5, 7)
Sal Dibba - congas, yembe (5)
Helge Albin - flute (7)
Jakob Karlzon - piano, keyboards (5)
Ola Hedén - vocals (7)
Inger Ohlén - vocals (5)
Alex Reingold - speech (2) |
|
|
‘Entering
the spectra’ was voor mij persoonlijk één van de beste releases van
het jaar 2002, logisch dus dat de verwachtingen voor de opvolger
zeer hoog liggen. Het eerste album van het project van Jonas
Reingold blonk uit in originaliteit, muzikaal talent, sterke
composities en een ijzersterke zanger. En na een eerste beluistering
blijft diezelfde kwaliteit bovendrijven, Wheel of Life is duidelijk
heel wat progressiever van inslag en leunt ook veel dichter aan bij
het werk van The Flower Kings, Yes en Transatlantic. Het debuutalbum
bevatte misschien iets meer ‘catchy’ songs en is daarom misschien
wat toegankelijker, maar vanuit louter muzikaal oogpunt is deze
‘Wheel of Life’ misschien zelfs nog iets beter.
Masterplan Part I is één van die typische epische prognummers van
TFK, alhoewel de iets hardere aanpak van Reingold en de
charismatische stem van Edman het nummer toch een extra dimensie
geven. De melodieuze passages sluiten naadloos aan op de
agressievere stukken, tot op heden heb ik dat nog geen andere groep
op deze subtiele manier weten te realiseren. Jonas heeft voor dit
nummer een beroep gedaan op keyboard-wizard en brein achter Time
Requiem Richard Anderson, de resulterende duels met Krister Jonsson
zijn fenomenaal, in de hardere stukken kan je trouwens een zweem
Dream Theater ontwaren.
Een baby-stemmetje leidt een nummer met een typische Yes-sound in,
inclusief de baspartijen en de samenzang. ‘Alex in Paradise’
(genoemd naar Jonas’ zoon) klinkt zeer opgewekt en bevat tevens een
zeer luchtige, jazzy gitaarsolo.
Op ‘At The Speed Of Light’ hoor je eigenlijk voor het eerst die
karakteristieke bas-sound van Jonas, en zoals ook op het debuutalbum
krijg ik weer dat ‘Gino Vannelli’-gevoel, ik vraag me af of Goran
Edman zich daarvan bewust is. De nieuwe gitarist Krister Jonsson is
trouwens ook een aanwinst, weliswaar heeft hij een minder proggy
stijl dan Roine Stolt, maar zijn solo’s à la Holdsworth zijn
schitterend. Deze track ademt weer TFK uit, niet in het minst door
de bijdrage van Tomas Bodin.
Op de vraag ‘Excuse me. Do U Tango?’ van een vrouwelijke
computerstem volgt het meest bizarre en tegelijk het meest originele
nummer, dat ik de laatste jaren gehoord heb. Hierna volgt een knap
staaltje fusion, gevolgd door aanzwellende baspartijen in een
tango-ritme, overigens begeleid door een aftellende dansleraar.
Vervolgens stijgt het ritme in een meeslepende latino-amerikaanse
sfeer met obligate akoestische gitaarsolo. De tempowisselingen in
dit nummer zijn gewoon niet te tellen en Jonas kan zich hier
volledig uitleven. En laten we vooral ook niet het wervelende en
technisch verfijnde drumspel van virtuoos Zoltan niet vergeten!
Where Earth Meets The Sky ligt meer in de lijn van Masterplan, de
betere neoprog met weer enorme staaltjes van muzikaal talent,
afgewisseld met zelfs romantisch klinkende passages een beetje in de
stijl van de ballads van de ‘classic rock’. Karmakanic weet zo’n
nummer echter tot hogere niveau’s te brengen, hier ook door de
inbreng van enkele ‘jazzy’ solo’s op keyboards.
Het kortste nummer (nog altijd 5 minuten) ‘Hindby’ laat een
prachtige bluesy gitaarsolo vol gevoel horen van Jonsson, naar het
voorbeeld van de vroege (en tegelijk beste) periode van Joe
Satriani.
Het titelnummer ‘Wheel of Life’ begint heel opgewekt met dwarsfluit,
niet toevallig doet dit nummer dan ook wat denken aan Jethro Tull,
maar dan in een Karmakanic-kleedje. Opvallend verschil met het vorig
album is het veelvuldig gebruik van meerstemmige zang. In het midden
krijg je een heel sfeervolle, zelfs psychedelische passage (Pink
Floyd), gedragen door de meeslepende gitaar van Roine Stolt. Het is
verbazingwekkend hoe sterk de composities in elkaar geknutseld zijn,
het volledige muzikale en vocale spectrum passeert de revue.
Masterplan Part 2 is niet echt een vervolg van het eerste nummer,
alhoewel er wel degelijk subtiele vergelijkingspunten zijn. Opnieuw
prachtig en vol emotie gezongen door Goran Edman en met een
schitterende gitaarsolo van maat Roine plaatst dit nummer een
orgelpunt aan een album, dat voor mij voorlopig als het beste album
van 2004 wordt uitgeroepen. Zoals altijd zijn er heel wat
referenties mogelijk zowel naar het verleden als het heden, maar
Karmakanic en in het bijzonder Jonas Reingold verenigt al deze
invloeden tot een hoogst originele verzameling van pure epics. Ik
wil gerust nog wel twee jaar wachten op het volgend album, als het
maar van deze kwaliteit mag blijven. Moet het nog gezegd…elke
progfan moet dit album in zijn collectie hebben! |