 |
Carl
Baldassarre : elektrische, akoestische en klassieke gitaar, guitar
synth, basgitaar, zang
Sam Giunta : piano, synthesizers
Paul Mihacevich : drums, percussie, zang |
|
Toen
ik tien jaar geleden het album “Cosmos and chaos” van de groep Witsend bestelde bij The Laser’s Edge had ik nooit kunnen
voorspellen dat diezelfde groep een decennium later een klasse album
als “The allegory of light” zou afleveren. Ook al bevatte “Cosmos
and chaos” best wat aardige momenten het album bestond hoofdzakelijk
uit solo fragmenten van enerzijds gitarist Carl Badassarre en
anderzijds van toetsenist Sam Giunta. Weinig nummers konden als
echte groepscomposities worden aanzien zodat het debuut van Witsend
eerder een bont allegaartje van diverse ideeën op de massa losliet.
Tien jaar is echter een lange periode waarbij je als mens danig kunt
veranderen en dat is precies wat je op dit album hoort. Zonder
overdrijven kan ik stellen dat “The allegory of light” inderdaad de
hoogtepunten uit de rijke prog geschiedenis heeft doen samensmelten
met hun eigen inbreng of het nu om Yes of Genesis gaat, Gentle Giant
of King Crimson, Zappa of OSI, Dream Theater of Spock’s Beard.
Misschien moeten we het allereerste album van dit trio als een
jeugdzonde bekijken terwijl het nieuwe album het resultaat is van
drie intellectuele, professionele, bekwame muzikanten. Ik moet
toegeven dat ik wat problemen heb met de nieuwe naam van de groep.
Na een té lange stilte stelden onze drie vrienden namelijk vast dat
iemand anders met de naam Witsend was gaan lopen en vermits die niet
was gedeponeerd moest men naar een andere naam op zoek gaan. Dat
werd dus uiteindelijk Syzygy wat me voornamelijk doet denken aan
Ziggy Stardust doch wees gerust want dit album heeft totaal niets te
maken met David Bowie. Terwijl de gitaar van Carl vaak klinkt als de
evenknie van Steve Howe is het voornamelijk de inbreng van drummer
Paul wiens techniek sterk aanleunt bij Carl Palmer. Door al deze
verschillende stijlen door elkaar te mengen denk je automatisch
terug aan al die grote namen die ons genre groot hebben gebracht of
het nu uit de jaren zeventig stamt of hedendaagse groepen betreft.
Ook in het vocale departement krijgen we een mooi resultaat
voorgeschoteld dat ergens het midden houdt tussen aanvaardbare AOR
en de betere singer/songwriters. ‘Beggar’s tale’ is hier een mooi
voorbeeld van terwijl de nadruk gelegd wordt op de akoestische
gitaar wiens helderheid ook wat Spaanse invloeden herbergt. ‘Distant
light’, een onderdeel van het titelnummer, is het soort materiaal
dat deze uitgave een extra dimensie geeft wanneer je ze gaat
vergelijken met het gros van de hedendaagse prog releases. Dit
nummer is een pure brok rockmuziek waarbij alle instrumenten elkaar
perfect aanvullen in plaats van doelloos rond elkaar te musiceren.
Er is ook een klein stukje waarbij blaasinstrumenten via de
synthesizer worden nagebootst doch zoals steeds had ik hier veel
liever authentieke akoestische instrumenten gehoord. Misschien dat
ons trio op elk moment wil bewijzen dat het zonder de minste hulp
wel kunnen redden zodat ze straks ook met hun drietjes op tournee
kunnen ?
Terwijl we op het Witsend album her en der wat Middeleeuwse trekjes
noteerden komen we die invloeden eveneens op “The allegory of light”
tegen zij het wel gemaskeerd of moet ik zeggen beter in het
arrangement ‘gebakken’ ? Luister naar
‘Zinjanthropus’ en je weet meteen wat ik bedoel. I hou enorm van het
stuk waarbij gitaar en toetsen dezelfde toonladder bespelen net voor
de piano een solo krijgt aangemeten alsof het een storm betreft die
gaat liggen terwijl een nieuwe dag aanbreekt. Piano en drums klinken
hier sterk op ELP tijdens hun “Works” periode. Dit stuk contrasteert
dan ook immens met het gitaargeweld van ‘Industryopolis’ welke
tevens stapels drumbreaks bevat evenals enkele akoestische passages.
We spraken zonet van Middeleeuwse invloeden en we dienen aan te
stippen dat die nogal vaak om het hoekje komen kijken wanneer de
akoestische gitaar aan de orde is. ‘Forbidden’ is zo’n voorbeeld
waar Carl bijna de eenzame klasse en perfectie van John Williams
evenaart. Voor mij is het het constant switchen tussen zacht
akoestisch materiaal en harder energetische stukken die het
luisteren naar Syzygy zo’n plezier maken. Het instrumentale ‘Light
speed’ houdt ergens het midden tussen heftige fusion en Deep Purple
met een kleine knipoog richting het solo album van Keith More
“Guitar stories”. Die link met Purple wordt nog heftiger wanneer
gedurende het slotnummer ‘The journey of Myrrdin’ de Hammond van
onder het stof wordt gehaald. Maar liefst zeventien minuten lang val
je dan ook van de ene verbazing in de andere. In feite moet ik
toegeven dat sommige stukken me aan een andere Amerikaanse band doen
denken namelijk Yoke Shire. Tevens dienen we aan te stippen dat
enkele passages tijdens de intro de sfeer van een hedendaagse Rick
Wakeman oproepen. Zoals je kunt zien komen heel uiteenlopende
invloeden constant om het hoekje kijken zodat je bij elke seconde de
vingers zult aflikken. Wanneer opnieuw wat Middeleeuwse elementen de
kop boven steken stellen we vast dat deze opnieuw op een synthesizer
tot leven worden gebracht. Zonder twijfel is dit een belangrijk
onderdeel welke de groep eens van naderbij dient te bekijken want ik
ben ervan overtuigd dat er massa’s muzikanten zijn die laaiend
enthousiast zouden zijn mochten ze op zo’n plaat mogen meewerken.
Ware het niet fantastisch indien authentieke dwarsfluit, cello,
viool, enz… de muziek zouden komen versterken ? En asjeblief
jongens, laat ons opnieuw geen tien jaar wachten op een nieuw album
! |