|
Sinds het verschijnen van “Tricks of
time” door Grand Stand vorig jaar en het zijsprongetje van Galleon
hoofdpion Göran Fors met het project Spektrum lijken de
schijnwerpers eindelijk en terecht te schijnen op het Zweedse
bastion van Progress Records en haar engelbewaarder Hansi Cross. Ook
al mag Galleon als een trouwe waarde in het proglandschap worden
beschouwd toch is het met de laatste releases dat we een voorwaartse
groei noteren. Hun laatste studioalbum “Beyond dreams” was zonder
twijfel de juiste stap in de juiste richting doch eens ik hun
allerlaatste album “From land to ocean” kon beluisteren wist ik dat
ze hun absolute hoogtepunt hadden bereikt. Je kan klaar en duidelijk
horen dat Galleon eindelijk haar ‘niche’ gevonden heeft door het
samensmelten van authentieke prog klanken met een hedendaagse
aanpak. Dit statement is meteen van toepassing bij de aanvang van
het eerste nummer ‘Three colours’ waar de groep van uit een muzikaal
perspectief sterk de Genesis kaart trekt. Het is het Genesis uit de
“Wind and wuthering” periode (luister maar even naar de synths !)
terwijl de stem van Göran Fors op een kruising lijkt tussen Jim Kerr
van de Simple Minds en Saga’s Michael Sadler. Alle drama is aanwezig
terwijl de groep het voor mogelijk houdt om de juiste dosis
oerdegelijke rock te injecteren afgeboord met de nodige prog
elementen. Op het einde van ‘Three colours’ grijpt er zelfs heel
even een duel plaats tussen gitaar en synth.
Ik wil bij deze bespreking niet op een
denigrerende manier het label ‘neo-prog’ uit de kast halen hoewel de
ritmes vaak ‘simpeler’ klinken dan datgene waarvoor onze eerder
complexe stroming meestal staat. Gedurende ‘Fall of fame’ levert
drummer Dan Fors een poepsimpel rock’n roll ritme af terwijl het
nummer zelf evengoed van de hand van Saga of It Bites zou kunnen
zijn. Sven Larsson introduceert zelfs een vleugje wah-wah gitaar
alsof hij in het bezit is van samples van de gekende Isaac Hayes hit
‘Shaft’. Als je aandachtig naar de muziek van Galleon luistert moet
je toegeven dat het vooral toetsenist Ulf Pettersson is die het
Genesis gevoel in de groep introduceert. Zijn spel is dan ook
doorspekt met Tony Banks invloeden of het nu om de stijl, akkoorden
of om de klankkleur gaat. De andere muzikanten gaan eerder het pure
rock element aan de muziek toevoegen zoals je tijdens de gek
getitelde instrumental ‘Liopleurodon’ kunt horen. Het nummer
evolueert van een rock structuur naar een lekkere brok fusion waarin
het gevoel van een heuse jam zit geborgen. Helemaal andere koffie
wordt er met ‘Land’ geserveerd. Vermits hier dwarsfluit en
akoestische gitaren hun intrede doen wordt als vanzelfsprekend een
gezonde dosis folk invloeden op je losgelaten om te eindigen in
authentieke ‘jig’ traditie. De piano in de intro van ‘The price’
roept gedurende enkele kortstondige ogenblikken herinneringen op aan
Supertramp doch de rest van het arrangement laat deze vergelijking
vlug achter zich om zich opnieuw in de richting van Saga te begeven.
Opnieuw verandert de sfeer wanneer Ulf Pettersson enkele Dave
Stewart-achtige klanken op ons loslaat geruggensteund door een
steeds wisselende achtergrond. Helemaal naar het einde toe kun je
ook wat IQ invloeden waarnemen waarmee nog maar eens bewezen wordt
dat Galleon een massa invloedrijke paden bewandelt om uiteindelijk
met een totaal eigen geluid naar buiten te komen. Enkel en alleen
jammer dat ze op het einde van dit nummer zo’n groot stuk uit het
Genesis oeuvre weghappen zonder de bron te vermelden !
Dit album werd gespreid over drie jaar
opgenomen nadat het oorspronkelijke idee van Göran eindelijk werd
uitgewerkt. Het was ook zijn droom om een zéér lang epos bij elkaar
te schrijven waarin hij zeker geslaagd is en waardoor het nieuwe
album meteen een dubbelalbum diende te worden. Eén CD wordt
opgedragen aan The Land en de andere aan The Ocean. Om de dosis prog
nog op te drijven werd dus beslist om op de tweede schijf één enkel
nummer te plaatsen dat zo rond de 52 minuten duurt ! Het begin van
dit epos doet me enigszins aan “Close to the edge” van Yes denken
waarbij synthgeluiden als het ware een andere wereld aankondigen.
Het is en blijft moeilijk als recensent om zo’n mega lang nummer te
bespreken doch het bijhorende CD-boekje informeert ons dat dat ene,
lange nummer in feite is opgebouwd uit negentien kortere segmenten.
Om het allemaal spannend, gevariëerd en ook samenhangend te houden
werd wijselijk beslist om tussen de vocale tracks ook regelmatig
instrumentale stukken op te nemen. Het bevordert zeker het
beluisteren van het geheel. Opnieuw zijn het de toetseninstrumenten
van Ulf Pettersson die de muziek naar ongekende hoogtes leiden. Als
je luistert naar de herhaalde ambient structuur van ‘Atlantis’ is
het alsof je naar wat ouder Simple Minds materiaal aan het luisteren
bent. ‘Blood waters’ laat een karrenvracht aan energie los zowel via
de tribale drums als de ijzersterke gitaren terwijl de mellotron in
de achtergrond zorgt voor de perfecte eindafwerking. Dit is het
soort muziek wat je evengoed kunt verwachten van groepen als Mars
Volta, Opeth of Pain of Salvation.
Lichte fusion, een George Benson gevoel op gitaar en
een funky bas vermengen zichzelf tot ‘Blue richness’ waarbij je het
gevoel krijgt te luisteren naar een ‘song in een song’. Ongelooflijk
lekker klinkt de bijna chaotische stroom aan synthgeluiden en de
contrasterende, heldere, ‘droge’ drumklank tijdens het instrumentale
‘Swirl’. Heel even komt een streepje slide gitaar het feestje
verblijden voor het einde van dit nummer iets afzwakt tot een
voorspelbaar niveau en het einde pakweg klinkt als het begin 52
minuten eerder. De cirkel rond ! Het gebeurt vaak dat een groep een
ellenlang nummer aflevert en vaak stel ik vast dat ik halverwege
zo’n nummer in slaap val. Sommige muzikanten zijn ook van oordeel
dat een nummer pas écht prog genoemd mag worden als het lang duurt.
Hier is elke seconde het dubbel en dik waard om beluisterd te worden
hetgeen resulteert in het keer op keer opnieuw beluisteren van dit
epos dat bij elke luisterbeurt nieuwe details prijs geeft. In de
carrière van Galleon is “From land to ocean” ontegensprekelijk hun
absolute top album en het perfecte visitekaartje waarop we allen
hebben zitten wachten. Eindelijk kunnen we Galleon met opgeheven
hoofd overal ter wereld introduceren als zijnde één van de
vaandeldragers van de nieuwe prog heropstanding ! |