|
Darzamat is de
beschermer van alle tuinen en bossen volgens de Oud-Slavische
overlevering. Deze Poolse groep werd in 1995 opgericht door Rafal
‘Flauros’ Goral en Szymon Struzek, beiden toen nog deel uitmakend
van Mastiphal. Zij brachten tot nu toe 2 albums uit : In the flames
of black art (1997) en In the opium of black veil (1999). Beide
albums werden in 2002 heruitgebracht door Metal mind productions en
laten ons een groep horen die het experiment niet schuwt en
omschreven wenst te worden als ‘black art group’. Symfonische
elementen doken geregeld op om de wispelturige composities te
versieren.
Heden ten dage
is het Avantgarde Music die zorgt voor de releases en je mag wel
stellen dat dit label een geschikte naam heeft om Darzamat’s muziek
te omschrijven. Dat het zo lang wachten werd op nieuw werk is te
wijten aan het feit dat de groep inmiddels een eigen studio gebouwd
heeft in Katowice, de ‘Post street studio’, waar men na 5 maanden
intensief werken naar buiten kwam met een totaal vernieuwd geluid.
Ik moet eerlijk bekennen dat het even wennen was en ik de oude
Darzamat slechts terugvind in zijn zin tot experimenteren. De groep
bleef in die tijd ook niet gespaard van wisselingen in de
bezetting. Pawel Chudzicki vervoegde als derde ex-Mastiphal lid de
groep, er kwam een nieuwe gitarist Krysztof Michalak en na de opname
van ‘Oniriad’ vertrok zangeres Katarzyna Banaszak naar de USA.
We waren
gewaarschuwd : op deze CD zouden we nog maar weinig terugvinden van
de oude Darzamat stijl, maar wel rock, metal, gothic, classic,
ambient en folk.
De teksten
zijn gebaseerd op dromen en fantasieën. De grofkorrelige stem van
‘Flauros’ is geheel verdwenen en de gitaren spelen een minder grote
rol. Zo is ‘Into the abyss of forgotten woods’ al een erg
toegankelijk deuntje dat zelfs aan de jaren ’60 herinnert. In ‘The
longest journey’ doet de nasale zang van Rafal me aan Hawkwind
denken ten tijde van Hall of the mountain grill. Gesproken
fragmenten wisselen af met hoge vrouwenzang en stevige riffs.
Terwijl de achtergrond in hupse bombast blijft door rocken noteren
we repetitieve refreinen en een uitstekende gitaarsolo om dit nummer
te besluiten. Deze Hawkwind invloeden zullen later nogmaals
opduiken (Moon has inprisoned me in her shine). Verder krijgen we
een heel palet aan verschillende stijlen. De ambient invloeden
komen aan de oppervlakte in het erg zwoel gezongen ‘Beauty’ dat
onverbloemde sensualiteit predikt en knipoogt naar Antimatter.
In ‘Time’
lijkt er een electro wave groep met dance invloeden aan het werk en
er wordt kwistig met electronica gestoeid, ook in ‘When dreams died’.
‘Elegy’ opent met viool en piano en heeft een hippe folk melodie.
Er wordt besloten met wereldlijke drums terwijl de sfeervolle zang
van Katarzyna ons blijft achtervolgen. Het laat me een beetje met
gemengde gevoelens achter, maar feit is dat Darzamat behoorlijk
toegankelijk is geworden. |