|
Releasedatum : januari 2002
Label : Musea
Catalogusnr : FGBG 4413.AR
Totale
speelduur : 43’01’’
|
Tracklijst:
Orient/song
(3’33’’), Barok/song (6’47’’), Mandoline noire
(3’32’’), East/song (7’57’’), Naja (8’35’’), Une
remarque insidieuse (5’44’’), In strum mental (6’39’’).
Muzikanten:
Jean-Paul Dedieu : toetsen
Michel Dedieu : gitaren
Pim Focken : percussie
Add.:
Charly Berna : drums op ‘Mandoline noire’
Website:
www.sombrereptile.fr.fm
|
Dit is het eerste album van deze Franse groep uit Bordeaux.
Ze bestaan echter al sinds 1977 en in de jaren ’80 droegen ze hun
steentje bij aan het album ‘Enchantement’ eveneens uitgebracht door Musea. Zoals de titel reeds laat vermoeden hebben we hier te maken
met een instrumentaal album. Zoals
steeds werkt het ontbreken van enige zang de toegankelijkheid niet in de hand;
maar toch valt er één en ander te genieten op deze eerste release.
Omschreven als zijnde ‘experimentele ethno-prog’ worden de gitaren en
klavieren van de gebroeders Dedieu energiek tegen elkaar uitgespeeld terwijl de
percussie inderdaad voor een uitheemse sfeer zorgt.
Nemen we bijvoorbeeld het nummer ‘Barok’ : het bevat de warme klank van
de hammond. De gitaren klinken erg
mooi en de toevoeging van weinig voor de hand liggende percussie geeft het
geheel een origineel karakter. De
invloed van King Crimson zal in meerdere nummers duidelijk wezen.
Ook de geest van Eno waart op een jazzy manier rond in de eigen composities.
Tot mijn verbazing is ‘Mandoline noire’ geen mandoline track maar een
rockend geheel met vrij scherpe gitaarinterventies.
Deze houden ons constant bij de les.
Sommige stukjes doen me aan Zappa nummers denken, maar his master’s voice
blijft natuurlijk achterwege. Net
als het geheel een te grove volwassenheid etaleert blijven de melodieuze maar
doordringende gitaarklanken hun effect op me uitoefenen.
‘East/song’ is een rockend geheel met minder jazzy invloeden dan
voorheen. Te dikwijls krijg ik het
gevoel als zit ik op een tropisch eiland, pina colada binnen handbereik, met een
plaatselijk orkest. Om maar te
zeggen dat de grens tussen melodieuze jazz en mainstream soms erg dun is, in de
verf gezet door het nightclubbing-gevoel dat sommige tracks overheerst.
‘Naja’ is een gitaarvingeroefening tegen tropische drums, 8 minuten lang
melodieuze loopjes met hier en daar een tempoverandering.
Ook de bas komt een woordje meepraten.
Bij ‘Une remarque insidieuse’ glijdt vrolijke ritmiek je woonkamer
binnen. Sferen van Donald Fagen’s
‘Nightfly’ passeren de revue in zwoele creaties; voor de jazzrockliefhebbers
onder ons vast wel hun pakkie-an. Dit
aspect mondt eens te meer uit in experimentele King Crimson/Van der Graaf sfeer
met zijn vrij chaotisch maar steeds boeiende varaties op 1 thema.
Tot
slot hebben we de titelsong ‘In strum mental’ hetgeen een rockend karakter
herbergt. Streefdoel blijkt
uiteraard een symbiose componeren waar de luisteraar een overzicht krijgt van de
bedoelingen van Sombre Reptile. Links naar Joe Satriani en Steve Vai komen aan
de oppervlakte in dit sluitstuk van bijna 7 minuten.
Laat ons echter nooit de tropische percussie vergeten, die zorgt voor een
origineel accent. Samen met de mooi
klinkende gitaarlijnen vormt deze voor een freaky geheel.
Bespreking: Vera
|