|
Uitgebracht : 2002
Label
: Sanctuary
Catalogus
nummer:
CMRCD378
Speelduur
: 43’58”
|
Tracklijst:
The
zone / She takes me there / Making waves / Spirit of the water / Hopi
prayer / No jazz / Take back your power / High
Muzikanten:
Pete
Bardens : Toetsen, zang
Mick
Fleetwood : drums, percussie
Gabe
Lackner : gitaar
Tallulah
Bardens : zang
Andrew
Lunsford : akoestische gitaar
Gerard
Herrera : extra percussie
Website:
www.petebardens.com
|
Ik
denk dat het voor iedereen een schok was toen we hoorden dat toetsenist Peter
Bardens op 22 januari van dit jaar bezweken was aan de gevolgen van de long- en
hersenkanker waaraan hij al een tijdje leed. Op de één of andere manier ben je
het aan het verwachten doch als het noodlot dan toch toeslaat blijft er een
gevoel van onmacht achter. Zeker als lid van Camel was Bardens een machtig goed
toetsenist doch ook solo liet hij zich vaak van een interessante zijde kennen.
Vooral het album “Heart to heart” vind ik een schitterend album terwijl ook
“Big sky” en “Water colors” mooie momenten herbergen. Kort na zijn dood
verschijnt nu het album “The art of levitation” en laat ons hopen dat die
levitatie inderdaad heeft plaatsgevonden zodat Pete nu in hogere sferen kan
musiceren. Op de acht songs wordt hij vakkundig bijgestaan door zijn beste
vriend Mick Fleetwood met wie hij al bevriend was nog voor de opstart van
Fleetwood Mac. Op twee nummers kan je ook Bardens’ dochter Tallulah horen
alsof Pete er in zijn laatste dagen voor wou zorgen dat er alvast een Bardens
klaargestoomd was om de rocktraditie verder te zetten.
Het is dankzij het strakke drumgeluid van Fleetwood dat Bardens het new
age imago van zich kan afschudden terwijl de arrangementen niettemin zwevende
toetsen in zich houden. Mooi voorbeeld hiervan is de openingstrack “The
zone” waar Pete zijn synths laat uitdeinen terwijl een ‘loop’ samen met de
drums voor de onderstroom zorgt. Ook al bezat Bardens niet meteen de ultieme
zangstem toch heeft dat ietwat hese stemgeluid iets onbeschrijfelijks welke
bijdraagt tot een uniek klankpatroon. Getuige hiervan het bijna fluisterende
“She takes me there” gedragen door een rijkelijk percussieve inbreng waarvan
de synthetische handclaps mij iets té gedateerd klinken en het geheel iets té
lang duurt om te blijven boeien. “Making waves” is één lange dreun die als
achtergrond dient voor een synth improvisatie doch het soort muziek welke uren
kan doorgaan zonder dat er één iets interessants gebeurt.
Eén van de eerste grote verrassingen op deze plaat is het hernemen van
de Camel klassieker “Spirit of the water” doch dit keer met dochter Tallulah
in plaats van de nasale klank van Latimer. Het is alsof Bardens voor de laatste
keer zijn oude werk nieuw leven wou inblazen zodat het ook een jongere generatie
kan beroeren. Jammergenoeg helt het ritme al vlug over richting commercie en
krijgen we geen rijke orkestratie te horen ook al stevent het arrangement
regelrecht richting cello’s en violen af. Als er al eens een synthsolo volgt
dan mag je er prat op gaan dat de klankkleur deze is van de ‘desert flute’
zoals ze ondermeer ook van onder het stof wordt gehaald in de ‘tribal
rhythm’ van ‘Hopi prayer’ met nogmaals Tallulah als zuchtende
buikdanseres. Dat etnische gevoel kruipt ook boven bij “No jazz” en daar zal
de voorliefde voor dit soort muziek van Mick Fleetwood (herinner je zijn
soloplaat “The visitor” waarbij hij Afrikaanse ritmes aanpakt ?) wel voor
iets tussen zitten. Ook “Take back your power” is nogal repetitief opgebouwd
rond een eerder ‘goedkoop’ klinkend ritme waar als zonnestralen doorheen een
dik wolkendek af en toe wat Hammond riedels doorheen prikken. Hier hadden we
eerder een Jimmy Smith achtige solo verwacht die ons ronkend doorheen de nacht
zou loodsen.
In
de schrale teksten welke dit album bevat is er wel altijd een link naar het
hiernamaals aan te treffen, alsof Bardens wel degelijk wist dat het zijn laatste
album zou worden. Het was alsof hij zijn muzikale koffer aan het pakken was en
dat enkel met intimi wou delen waarbij hij zich reeds jaren goed voelde. Vooral
in uitsmijter “High” is dit overduidelijk met ondermeer als tekst “where
are you going ? what do you hope to find ? what are you taking ? what will you
leave behind ?” om uiteindelijk te besluiten met “go where the wind blows,
let it carry you, we will all fall down, then we’ll get up again”. De
positieve houding van Peter Bardens dan toch nog merkbaar tot in de allerlaatste
zin op het album. Een album welke jammergenoeg niet langer de kracht van zijn
vorige werk in zich heeft en welke misschien, zijn ziekte indachtig, vlugger
werd afgewerkt dan voorzien. Als postume uitgave is dit best een aardig plaatje
doch het levert niet de verdiende uitvaart welke voor een klassebak als Pete
Bardens moet zijn voorbehouden !
Bespreking: John 'BoBo' Bollenberg
|