|
|
-
Muzikanten:
- Aldo Tagliapietra : zang, bas, gitaar & sitar
- Michi Dei Rossi :
drums, percussie
- Michele Bon : toetsen (incl. gitaarsimulator)
- Andrea Bassato
: piano, viool
|
- Datum van release : 2001
- Totale speelduur : 42’35”
- Label : Crisler
- Catalogusnummer : CCD3005
|
-
Website:
- Contact:
|
-
Tracklijst:
- Danza del vento (3’36”)/Il vento, il cielo e la
notte (7’16”)/Danza del vento (1’29”)/Danza della terra
(2’22”)/Risveglio (3’59”)/Canto di preghiera
(1’59”)/Lord of dance (2’52”)/Danza della pioggia
(2’38”)/Dove tutto è! (4’40”)/Luce dorata (1’29”)/Danza
del fuoco (2’41”)/Il respiro (2’21”)/Danza del vento
(3’38”)/Risveglio (ripresa) (1’27”)
|
Het overkomt me niet vaak dat ik cd’s bewust enkele dagen niet onder de
laser schuif om ze nadien te kunnen recenseren, maar in het geval van Le Orme
heb ik dat wel gedaan, omdat ik anders te veel superlatieven zou gebruiken.
‘Elementi’ bevat namelijk verbluffend knappe staaltjes van symfonische
rock pur sang zoals ik die al lang niet meer gehoord heb. Het is tevens mijn
eerste kennismaking met een groep die al 35 (!) jaar meedraait…shame on me ?
De vier elementen (wind, aarde, water en vuur) vormen het centrale thema op
dit album. Ze worden op meesterlijke wijze in muzikale taal omgezet door
meestal vrij korte songs (slechts 1 ervan overschrijdt de 5-minuten grens),
die evenwel aan elkaar gelinkt worden door voortdurend weerkerende thema’s,
steeds in een andere muzikale gedaante. De rijkdom aan klanken en melodieën
is overweldigend en voeden de songs met een overvloed aan variatie.
Wind
Het instrumentale ‘Danza del vento’ bijt de spits af : triomfantelijke
synthgeluiden, die uitlopen in een onvervalst stukje Genesis anno 1977 : het
sublieme toetsenwerk van Michele Bon is daar zeker debet aan. ‘Il vento, il
cielo e la notte’ opent met ingetogen akoestisch gitaarwerk van Aldo
Tagliapietra, die tevens de zang voor zijn rekening neemt. Het lyrisch
karakter van dit nummer wordt nog extra in de verf gezet door de viool van
Andrea Bassato. Het instrumentale middengedeelte wordt vooral beheerst door
het krachtige, zuivere gitaarwerk van Tagliapietra. De song laveert
voortdurend tussen ingetogen passages en explosieve uitbarstingen van
symfonisch geweld, welke uiteindelijk resulteren in het tweede deel van
‘Danza del vento’.
Aarde
Dreigende, oriëntaals getinte klanken effenen het pad voor een heerlijk
brokje Hammond in ‘Danza della terra’. Het ogenschijnlijk banale
‘Risveglio’ bevat heel wat verrassingen. Zo wordt de fraaie gitaarpartij
in het begin van de song door een…keyboard gespeeld. Aan het slot wordt weer
een heerlijk symfonisch klanktapijt gelegd. ‘Canto de preghiera’ lijkt
aanvankelijk een Gregoriaans zangstukje te zullen worden, maar halverwege
stuurt de piano het nummer een andere richting uit. ‘Lord of dance’ is het
enige in het Engels gezongen nummer : 2’52” symfonische rock van het
allerhoogste niveau. Een pluim ook voor de ritmesectie (Tagliapietra op bas en
Michi Dei Rossi op drums), die door strak samenspel voor de nodige dynamiek
zorgt.
Water
‘Danza della pioggia’ zorgt voor een adembenemend mooi rustpunt op
piano en verraadt de klassieke achtergrond van Bassato. ‘Dove tutto è !’
is rond een eenvoudige melodielijn opgebouwd, maar werd muzikaal wondermooi
ingekleed met sitar en viool. Het nummer vloeit nagenoeg naadloos over in het
‘Luce dorata’, met lekker veel orgel en synths.
Vuur
Jazzy sfeertje, met opzwepende Hammond
typeren het van ELP doordrongen ‘Danza del fuoco’. ‘Il respiro’
gaat op hetzelfde elan door : het helse ritme wordt deze keer opgelegd door de
piano. Het centrale thema (dat ondertussen al in verschillende uitvoeringen
herhaald werd) doet nogmaals zijn opwachting in ‘Danza del vento’ en laat
het symfonisch vuur weer hoog oplaaien. ‘Risveglio’ (ripresa) zorgt voor
een spetterende ‘Grande Finale’ (inclusief ‘tubular bells’) en vormt
het orgelpunt van een waanzinnig mooi album.
Het
is verdorie moeilijk om niet te veel superlatieven te hanteren voor
‘Elementi’. Dit is superieure symfo die alles te bieden heeft wat je als
liefhebber maar kan wensen. Leuke bijkomstigheid is het artwork, dat van de
hand komt van Paul Whitehead, de man die o.a. de hoezen van ‘Trespass’,
‘Nursery Crime’ en ‘Foxtrot’ ontwierp.
Het kan geen toeval zijn dat uitgerekend deze man bij Le Orme
terechtgekomen is.
Piet "Neal" Michem
|