|
Release : 1999
Label : Zygo Records
Catalogus nummer : 30002-2
Totale speelduur : 42’14"
|
Tracklijst:
The three welcomes (0’59") / Black tower (5’40") / Shape
of a dancer (4’52") / Magic circle (3’44") / Maiden
voyage (5’10") / The brook, the mirror and the maiden (9’21")
/ Return voyage (2’11") / Ghost notes (2’13") / Masque
of shadows (6’41") / Magic dust (1’29")
Muzikanten:
Craig Herlihy : zang, dwarsfluit, gitaren, toetsen, bas,
harmonica, mandoline, bas pedalen, marimba, theremin
Brad Dillon : drums, achtergrondzang, percussie, klokkenspel
Brian Herlihy : gitaren
|
Er zijn zo van die momenten waar je een CD onder de laser laat doorschuiven
en het je meteen opvalt dat je de daaropvolgende week diezelfde CD keer op keer,
tientallen keren draait. Als het dan nog een debuut betreft bewijst dit eens te
meer dat je met een opvallend product te doen hebt. Het Amerikaanse trio YOKE
SHIRE heeft dit met ‘Masque of shadows’ voor elkaar gekregen. Het
is een album geworden dat over de ganse lijn een barok sfeer heeft uitgestald
welke door middel van diverse symfonische wendingen en invloeden op een
originele manier aan elkaar wordt gehouden. Vreemd genoeg kan je de muziek zowel
op dezelfde golflengte plaatsen als Jethro Tull als op die van ... Santana !
Vooral de ritmische inkleuringen zorgen ervoor dat deze plaat sterk in de
seventies baadt terwijl ook het gretige gebruik van Hammond daar natuurlijk nog
een handje bij helpt. ‘Black tower’ is een staaltje vakmanschap waarbij de
ietwat lagere regionen van de stem van Craig Herlihy prachtig samengaan met de
briljante hippie-achtige Washburn solo’s van broer/gitarist Brian. Het nummer
bevat evenzeer wat blues elementen en authentieke rock patronen en mits het
invoegen van een breed gamma aan ‘occasionele’ instrumenten zorgt de groep
ervoor dat je denkt niet met een trio doch minstens met een vijftal van doen te
hebben. Lekker ‘Amerikaans’ klinkt ‘Shape of a dancer’ waarbij de bas
van Craig lekker ‘rollend’ doorheen de huiskamer raast. Nog een beter idee
over die basklank krijg je in ‘Maiden voyage’ terwijl ook de gitaar het
predikaat ‘out of this world’ verdient. Ongelooflijk knap is de akoestische
gitaar/mandoline in ‘Magic circle’, een nummer dat totaal niet mis zou staan
op Jethro’s ‘Songs from the wood’. Nog een staaltje vakmanschap mag je
verwachten in het lange, met diverse harmonieën doorspekte ‘The brook, the
mirror and the maiden’ dat je zo de Middeleeuwen inloodst. Een staaltje van
het drum-kunnen van Brad Dillon wordt geïllustreerd in ‘Return voyage’ waar
het hoofdthema uit ‘Maiden voyage’ opnieuw van onder het stof wordt gehaald.
In het titelnummer ‘Masque of shadows’ hoor ik zowaar Lynyrd Skynyrd, Thin
Lizzy en Budgie door elkaar zweven. Het wordt bijgevolg echt moeilijk om een
duidelijke stempel op de muziek van Yoke Shire te slaan vermits er diverse
genres samengesmolten worden, doch het resultaat is een adembenemend album die
door een massa mensen gesmaakt zal worden. Laten we stellen dat vooral zij met
de weemoed voor de seventies hier een heilzame werking bij zullen vinden. Yoke
Shire : de progressieve Cream ? Een klein labeltje op de hoes verwijst naar ‘intense
headphone experience’. Naar het schijnt zou je met een koptelefoon op helemaal
‘high’ worden. Ik heb het nog niet geprobeerd want ik ben nu reeds een volle
week niet meer met m’n voeten aan de grond geweest !
Bespreking: John 'Bobo' Bollenberg
|