|
Laat
me deze maand eens een lans breken voor een heel aparte band: Tuatha
De Danann. Hun muziek is met enige breeddenkendheid folk metal te
noemen, een genre dat ik een warm hart toedraag. In het genre zijn
Skyclad en een nieuwere band Ensiferum echte groten. Meestal komen
soortgelijke bands uit landen met een Keltische cultuur, zoals
Ierland, Engeland of de Scandinavische landen. Ik sta dan ook
perplex als deze band uit Brazilië blijkt te komen. Dit is echter
maar één verbazingwekkend feit als ik op verder onderzoek uitga naar
de details van ‘The Delirium Has Just Begun…”.
Oorspronkelijk werd dit album uitgebracht in 2002, in 2003
heruitgebracht met twee extra tracks (deze versie) en nu pas bereikt
deze muziek onze streken. Dankzij het Franse label Underclass en de
verdeling door Rock Inc. Ik dank hen bij deze!
Folk
metal dus, met akoestische gitaren soms en een heel assortiment
fluiten.
Er zitten echter ook
heel wat prog
elementen in de muziek. Vooral in de twee langste nummers denk ik
meermaals: dit gaat het gros van de proggies ook goed vinden. De
veelvuldige toetsenpartijen hebben een warme, traditionele klank.
Dit is echter geen fluitjes en hupsakee album, neen, er is van alles
op te vinden. Laten we als uitgangspunt het eerste nummer nemen
‘Brazuzan – Taller Than A Hill’, een van de langere tracks.
Akoestische gitaar en fluit heersen, maar verder vinden we in dit
nummer: heel wat toetsen, gewone zang in alle soorten en een
sporadische grunt, waanzinnig gelach, rockend ritme, gitaarsolo’s,
tempowisselingen in het instrumentale middenstuk en absurd tralala
gezang (de gekte is nooit ver af bij deze koffieplanters). Kunnen
jullie nog volgen? Goed dan gaan we over naar track 2. Heel anders.
‘The
Last Pendragon’ heeft wat oosterse gitaarpatronen en grove zang
(maar even). Dan neemt het nummer een plotse Green Carnation
wending. Velen fronsen nu de wenkbrauwen.
What
the hell is een Green Carnation Wending?
Wel,
mensen die vertrouwd zijn met ‘Light Of Day, Day Of Darkness’ en dan
‘The Last Pendragon’ horen, zullen in het dreigende baspatroon plus
drums en de invallende gitaar een zekere verwantschap bemerken.
Zelfs in de zang.
‘Abracadabra’ is een overwegend akoestische compositie. Een
ingetogen fluit en een rol voor de vrouwelijke vocalen van ene
Isabel Tavares. Er zijn onrustige, ritmische stukken die een fusie
vormen tussen de grilligheid van prog en de uitgelaten sfeer van
folk. In het helder en gevoelig gezongen ‘The Last Words’ is er veel
dwarsfluit en knap gitaarwerk. De minstreel doet zijn intrede in de
galerij der martelaren. Het prachtige ‘The Wanderings Of Oisin’ is
een ingetogen nummer gebaseerd op een tekst van de Ierse dichter
William Buttler Yeats. Slechts akoestische gitaar, fluit en serene
zang. De titelsong is elf minuten lang en bevat buiten mannelijke en
vrouwelijke zang, nog eens alle elementen die ik hierboven
aanhaalde. Hier moest het chaotische karakter van een delirium toch
in weergegeven worden, nietwaar?
De
twee bonus tracks zijn afkomstig van het album ‘Tingaralatingadun’.
Eén ding is zeker: ik kan me bij deze muziek geen bruingebrande
Brazilianen voorstellen. En denk eraan: the delirium has just begun…
begeef u dus met een spiekbriefje naar de platenzaak (moeilijke
namen) en laat jullie gaan in excessieve drinkgelagen terwijl dit
album als soundtrack dient. |