|
Met nieuwsgierigheid kijk ik steeds uit naar de nevenprojecten van
de bandleden van Dream Theater, en vooral James Labrie is een bezige
bij (o.a. ook met Frameshift en Ayreon). Er is nooit unanimiteit
geweest over zijn zangkwaliteiten, vooral live laat hij het soms
eens afweten, maar op zijn laatste solo-album (uitgebracht deze keer
onder zijn eigen naam) laat hij zich weer van zijn beste kant horen.
En steeds weet hij zich ook te omringen met top-muzikanten, Mike
Mangini op drums (Extreme, Annihilator),
Matt Guillory (Dali’s
Dilemma) op keyboards, Bryan Beller (STEVE VAI) op bas en een vrij
onbekende Italiaanse rock-fusion gitarist Sfogli, die in de
voetsporen treedt van zijn grote voorbeeld Petrucci. Kortom, op
muzikaal-technisch gebied zit het zeker snor, maar ook de songs zelf
mogen er wezen. De cd is behoorlijk gevuld met 67 minuten muziek,
gelijkmatig verdeeld over 12 nummers. En in die zin wijkt Labrie af
van Dream Theater, lang uitgesponnen nummers ga je hier niet vinden.
Maar dat geeft wel ruimschoots de mogelijkheid om heel wat variatie
te brengen.
Zo start het album met een akoestische intro à la Dream Theater,
vervolgens wordt een stevige gitaarriff ingezet met daarna een
gitaarsolo, die me deed denken aan de progressive metal fusion van
het Italiaanse S&L. Maar al vlug wordt het tempo opgetrokken en
krijg je duidelijk Metallica-invloeden te horen, het is echter iets
minder hard dan ‘Train of Thoughts’. En vanaf het eerste nummer
Crucify kan je al vaststellen dat we hier ook te maken hebben met
een echte gitaarvirtuoos, over het ganse album laat hij schitterende
en heel originele gitaarsolo’s horen.
Er worden ook nogal wat speciale effecten en elektronische drums
gebruikt zoals op Alone, een nummer dat in het verlengde ligt van
gothic metal bands zoals Evanescence. En voor alle duidelijkheid,
dit is bedoeld als compliment, want vaak krijg je op dit album
melodieuze metal voorgeschoteld, die tegelijk technisch hoogstaand
maar ook goed in het gehoor liggend is, een niet altijd zo evidente
combinatie. En Labrie zelf in dit alles…wel hij blijkt enorm goed
bij stem, zowel op de harde nummers als in de ballads. Want er is
ook wat plaats gemaakt voor iets softere nummers, in het poppy
Smashed bijvoorbeeld zingt hij ingetogen en vol emotie, het catchy
‘Lost’ is dan weer een lekkere rocker, die het in de betere charts
trouwens ook heel goed zou doen. Maar uiteindelijk zijn de meeste
nummers toch meer geënt op een stevige progressieve metal,
vergelijkbaar met het betere werk van bijvoorbeeld Threshold en
natuurlijk Dream Theater. De keyboards zijn niet echt dominant
aanwezig maar spelen vooral een goede ondersteunende rol, de drummer
is ook uitstekend, hoewel hij niet zo bepalend is als Portnoy, maar
dat hoeft in deze muziek ook helemaal niet. Maar ik was bijzonder
gecharmeerd door het betere gitaarwerk van Sfogli, hoe komt het dat
zo’n talentvolle gitarist niet meer weerklank heeft in deze
muziekwereld?
Kortom, Labrie heeft volgens mij één van zijn betere albums
afgeleverd (misschien wel zijn beste), en dat is volledig zijn
verdienste, door zijn eigen zangtalent, door de keuze van de
muzikanten, door de sterke composities en door de variatie . En laat
ik er toch maar bij vertellen dat ik bij mijn eerste beluistering
van ‘Elements of Persuasion’ niet onmiddellijk overtuigd was, maar
achteraf waren er toch voldoende elementen om mij te overtuigen ;-) |