|
Laten we eens zo’n kwart eeuw teruggaan in de tijd. Metal heerste in
die dagen en ondergetekende was één van haar volgelingen. Lange
haren. Jeans en leer. Headbangen op Iron Maiden, Judas Priest,
Motörhead, Tygers Of Pan Tang,... Je weet wel, de Grootheden. Die
dagen zijn natuurlijk al lang vervlogen (het meeste van die haren is
trouwens ook al verdwenen), maar ik heb er nog steeds goede
herinneringen aan. Sommige van de albums uit die tijd horen nog
steeds bij mijn favorieten.
Saxon hoorde ook bij die Grootheden, natuurlijk.
“747(Strangers in the Night)” en “Dallas 1 PM” behoorden tot mijn
favoriete songs. “Strong Arm Of The Law” en “Denim and Leather”
zouden spoedig tot de klassieke heavy metal-albums worden gerekend
en “The Eagle Has Landed” wordt zelfs nu nog vaak vermeld in
lijstjes met beste live albums aller tijden. Ik volgde de band tot
en met “The Power And The Glory”, waarna de band radicaal van sound
veranderde en mijn smaak ook wijzigde. Ik verloor Saxon uit het oog.
Tot vorig jaar, toen ik in een opwelling hun recentste “Killing
Ground” kocht, vooral omdat ik erg nieuwsgierig was naar hun versie
van “In The Court Of The Crimson King”, een van mijn favoriete
nummers, maar een vreemde keuze voor een band als Saxon. Ik was
verstomd. Niet alleen waren ze erin geslaagd een schitterende versie
van de King Crimson-klassieker op te nemen, de volledige plaat stond
als een huis! Dit was duidelijk een terugkeer naar hun roots, en de
plaat haalde zowaar bijna het niveau van hun bovengenoemde
klassiekers.
En nu is er dan hun nieuwe album, “Lionheart” (met alweer een
fantastische cover van Saxons huisartiest, Paul Raymond Gregory).
Het album heeft een vliegende start met “Witchfinder General”, het
hardste en snelste nummer van de plaat, waarop het waanzinnige
drumwerk van nieuwkomer Jörg Michael (Stratovarius, Axel Rudy Pell)
onmiddellijk opvalt. Dit zet de toon voor een groot deel van het
album; luister maar eens naar “Justice” en “To Live By The Sword”.
Maar ik hoor de band toch liever in nummers als “Searching For
Atlantis”, “Beyond The Grave”, “Flying On The Edge” en het
schitterende titelnummer. Het tempo is hier minder verscheurend, en
dat schept ruimte voor de dingen waar Saxon het best in is: heavy
riffs, gecombineerd met melodieuze chorussen en fantastische
gitaarsolo’s. De drums klinken hier ook wat klassieker, wat de band
beter af gaat. OK, ook deze nieuwe Saxon staat bol van de clichés,
zowel in de muziek als in de teksten. Maar wie kan het de groep
kwalijk nemen; ze hebben ze uitgevonden!
Het nieuwe album is niet zo overweldigend goed als “Killing Ground”.
Terwijl die laatste iets van een terugkeer betekende naar hun
klassieke sound, ligt “Lionheart” meer in de lijn van de recentere
“Unleash The Beast” (1997) en “Metalhead” (1999). Harder en sneller,
maar met wat minder variatie. Geen nood, er is ruim voldoende van
het karakteristieke Saxon aanwezig en fans zullen zeker niet
ontgoocheld zijn. Ik ben er trouwens zeker van dat velen deze
‘heavier’ versie zullen verkiezen. Saxon staat er nog altijd, en ze
hebben de jongere generatie nog steeds iets te leren.
 |